Kerk

Voetbalminnende, bierdrinkende man niet op zijn gemak in de kerkdienst – door Jan Bart Alblas

Woord en Dienst oktober 2011 - Diverse auteurs

Als semi-dominee ben ik overdag thuis. Terwijl ik de was ophang en de handdoeken opvouw, denk ik na over de kerk. De kerk is over-gefeminiseerd. Bij het binnengaan in een kerk moeten mannen hun mannelijkheid buiten laten staan. Daar is geen plek voor.

Bruid
Het begint er al mee dat iedere zondag een kleur heeft. Te zien aan de kleedjes voorin de kerk en de toga van de predikant. Vervolgens gaat het altijd over de bloemen  liturgisch of niet. Dan blijkt er veel aandacht te zijn voor kinderen. Vaak met een verzameling vragen die eigenlijk voor iedereen zijn of met een onbegrijpelijk spiegelverhaal. De dominee ziet er ook niet uit als iemand die vroeger de baas was in de kleedkamer van zijn voetbalteam. De preek gaat over emotie en gevoel en over aardig zijn voor elkaar. Er wordt gezorgd in gebeden en collecte. Na de dienst is er tijd voor een praatje met een kopje thee of koffie, het liefst zonder suiker. Kleuren, bloemen, kinderen, emoties, zorgen en geklets, het zijn de bestanddelen van de eredienst. Alsof de kerk probeert letterlijk de bruid van Christus te worden.

De kerk mist ballen
Door deze overdreven concrete toepassing van Bijbelse taal is er geen ruimte meer voor het mannelijke in de kerk. Een voetbalminnende, bierdrinkende man zal zich niet thuis voelen in de tedere symfonie van kleuren en beelden. Dat is nog maar de kerkdienst. Ook de kerk als geheel mist ballen. De kerk presenteert zich als een plek waar het veilig is en waar alles mag. Alles kan er bedekt worden met een grote mantel der liefde. Maar geloven vraagt om moed en om de ruggengraat, om anders te doen dan de rest. Je moet er een kerel voor zijn. De kerk is eigenlijk voor stoere mensen. In de kerkelijke ruimte is er helaas geen donkere stem die dit laat zien. Er zijn alleen hoge stemmetjes die niemand hoort. Er is geen zak als Johan Derksen die de waarheid vertelt, inclusief scherpe randjes. Geen knipogende Jeroen Pauw die laat zien dat het spannend kan worden. De kerk is een seksloos instituut voor mensen met een uitgeblust libido. Eerder een grijze mutsenclub dan een plaats waar de wereld op zijn kop wordt gezet. De bruid van Christus mag best eens wat van de andere kant van haar Heer laten zien. Die liep ook rond met een zweep en was niet bang om scheldwoorden en andere krachttermen te gebruiken. Het gaat wel ergens over.

Maar goed, misschien heb ik het wel niet goed begrepen; een vorm van mannelijke beperktheid. Hopelijk is er voor de kerk eenzelfde soort oplossing als ik gevonden heb voor de verveling tijdens het strijken: Voetbal International kijken. Strijken en tegelijk ongecompliceerd praten over voetbal met een glas bier op tafel. Heerlijk.

Jan Bart Alblas is theologiestudent en hoopt in het voorjaar zijn master gemeentepredikant aan de PThU af te ronden.

Woord & Dienst
Dit artikel verscheen eerder in het oktober nummer van het opiniërend magazine Woord&Dienst. Klik hier om het nummer te bestellen.

Het redactioneel commentaar in Trouw besteedde aandacht aan dit artikel. Op de website van Trouw verschenen tientallen reacties.

3 reacties

  1. Ewald den Blaauwen
    23 oktober 2011 om 14:58

    Ik ben blij dat er eindelijk weer eens de vinger op de wonde legt: we zijn als kerk onzichtbaar geworden, vrijwel uitsluitend gericht op ons welzijn binnen de eigen kerkmuren. Wie een dienst wil bijwonen is welkom, maar daar blijft het blij. Waarom laten we geen stem horen tegen het onrecht in deze wereld en steken we niet onze handen om wel te doen aan hen die niet tot onze club behoren?

    Christenen zijn tegenwoordig mensen die op zondag naar hun eigen clubhuis gaan, stichtelijke liedjes zingen en naar preekjes luisteren.
    Hoe langer ik christen ben, hoe meer ik daar een aversie tegen ontwikkel.

  2. […] I read a thought-provoking blog by Jan Bart Alblas, in which he describes how the church has become overly feminized. The sermon is […]

  3. Aart Blokland
    1 november 2011 om 17:35

    Ik had gehoopt dat na de eerste missionaire rond met Hans van Ark de kerken wel weer naar buiten zouden gaan kijken,maar ik ben teleur gesteld,men is nog steeds bezig om muren op te werpen om te voorkomen dat buitenstaanders kunnen komen kennis maken met het geheim van God en de mensen,alleen we doen zo geheimzinnig dat we zelf nauwelijks meer weten waar in het hart van de zaak om draait.