Zending

Tegen het vergeten

Hoe is het tot de vertaling van het boek van Siegfried Zöllner “Vergessene Welt” gekomen en wat is het belang en de zin van dit boek, met andere woorden: waarom dit boek – nu ook in het Nederlands?

1.Het boek “Vergessene Welt” was nog niet verschenen toen Wim Vriend mij vanuit Australië erover mailde. Het was voor hem geen vraag: het boek moest in het Nederlands vertaald worden, en wel direct. Hij had van Siegfried een voorlopige versie gekregen – en  was alvast begonnen met het vertalen ervan. Of ik kon helpen: de vertaling nakijken, en een uitgever zoeken, bij voorkeur het Boekencentrum.

Zo vlug en zo gemakkelijk ging het nou ook weer niet! Uiteindelijk kwam ik bij twee fondsen terecht die ons wilden helpen: Stichting Zonneweelde en het Locherfonds. We beseffen vandaag dat het voorgeslacht goed voor ons gezorgd heeft – en daar zijn we dankbaar voor. In de contacten met de fondsen en daarna met de vormgever, de drukker en – inderdaad – het Boekencentrum, tot en met de organisatie van deze dag heeft Huub Lems ons geweldig geholpen. Ook hem zijn we daarvoor zeer dankbaar.

2.Het boek vertelt hoe de “vergeten wereld” van de Yali’s – wat moet ik zeggen: ontdekt werd? – nee, dat is te afstandelijk, daarbij is geen relatie, geen betrokkenheid, beter is: – hoe die wereld gezocht en gevonden werd, en hoe de Yali’s zelf  erbij gehaald werden: “Jullie mogen er zijn, jullie horen erbij.”

De inheemse kerk, de GKI, de Evangelisch Christelijke Kerk van Papua, wist zich geroepen om deze wereld op te zoeken en binnen te gaan. Om de mensen te laten merken dat ze niet vergeten zijn, dat God hen opzoekt achter de hoge bergen. Een kenmerk van het boek is dan ook dat Siegfried deze mensen met respect en liefde beschrijft.

Voor dit werk zocht de GKI hulp en ondersteuning bij Duitse en Nederlandse kerken – ook een typisch trekje van deze onderneming: de kerk is oecumenisch en dat houdt ook wederzijdse betrokkenheid en assistentie in. En zo werden Siegfried Zöllner, zendingspredikant, en Wim Vriend, zendingsarts, door hun respectievelijke kerken uitgezonden voor dit werk in wat toen nog Nederlands Nieuw-Guinea heette.

De eerste ontmoeting met de Yali’s verloopt symbolisch. Honderd Yali krijgers wachten het gezelschap van Siegfried, Wim en hun metgezellen op. Zwijgend en onbeweeglijk staan ze opgesteld, pijl en boog in de hand. Dan lopen Wim en Siegfried op hen toe, strekken hun handen naar hen uit en roepen: “Nori, nori – mijn broeders, mijn broeders!”

Wat erna allemaal gebeurt, dat ze met hun gezinnen daar gaan wonen om onder de Yali’s te leven, het Evangelie met hen te delen, medische zorg verlenen, onderwijs aanbieden en een landbouwproject starten … en wat er verandert in hun samenleving in de verhoudingen tussen de dorpen, de positie van de vrouwen, het ontstaan van een christelijke gemeente – daarover leest u in het boek.

Wat is hier gebeurt? Het boek eindigt met het getuigenis van een oudere Yali die het allemaal van het begin heeft meegemaakt. Hij zegt: “God heeft ons achter de bergen opgezocht en gevonden. Hij heeft jullie naar ons toegestuurd.”

3.Op verschillende manieren is in het boek sprake van een vergeten wereld. Als het gaat over de Yali’s zelf: geïsoleerd als ze leven, verwikkeld in vetes en oorlogen, zonder hulp in geval van misoogsten en hongersnoden. Maar ook als het gaat over de evangelisten, de werklieden, de zendelingen en hun gezinnen, de piloten van de MAF: hoe ze in stilte hun werk doen, hoe ze kampen met teleurstellingen en mislukkingen, hoe ze gevaren lopen door ziekten of van de kant van de bevolking. Het is allemaal belangrijk, God wil geen vergeten wereld, maar Hij wil een wereld die gekend is – in liefde gekend. En daarom is het goed dat Siegfried dat allemaal voor ons heeft opgeschreven en Wim het daarna vertaald heeft.

4.Eén kant van de “vergeten wereld” wil ik nog noemen, die trouwens niet alleen het Yalimo gebied betreft maar heel Papua, en dat zijn de gebeurtenissen rond de overdracht van Nieuw-Guinea aan Indonesië in 1962, het bedrog van het volksreferendum in 1969 en de jaren erna. Van het begin af aan heeft Indonesië er alles aan gedaan om de Papua’s te laten vergeten. Van het begin af aan was er geen vrijheid van meningsuiting, werd het onderwijs verwaarloosd (N.B. de schoolboeken uit de Nederlandse tijd met de voortreffelijke methode van I.S. Kijne werden verbrand). Op het moment dat de uitslag van het gemanipuleerde volksreferendum goedgekeurd werd door de Algemene Vergadering van de VN werden de Papua’s door de wereld verraden en vergeten – ook door Nederland, juist door Nederland, want ons land had beloftes gedaan en een verdrag ondertekend.

Vergeten is niet alleen dat de Papua’s uit de gedachten zijn, het is ook dat ze daardoor niet gekend worden, dat hun rechten miskend worden, dat ze gediscrimineerd worden en dat ze tenslotte ook gedood kunnen worden. En hoeveel slachtoffers zijn er sindsdien niet gevallen door militair geweld maar ook door verwaarlozing, door uitputting op de vlucht uit hun dorpen. Ze worden vergeten alsof ze er niet mogen zijn. En zo kan het ook gebeuren dat het onderwijs “vergeten” wordt en de medische zorg. Ondertussen doet Indonesië er alles aan om dit alles verborgen te houden. Zo wordt Papua een “vergeten wereld”, net als het was voor 1855 en net als het Yali gebied voor 1961.

Maar God die de Yali’s opzocht achter de hoge bergen blijft dezelfde. Hij wil geen vergeten wereld. “Het geroep van de ellendigen vergeet Hij niet.” (Psalm 9 : 13). Kerk en zending zouden in deze situatie kunnen betekenen: een beweging tegen het vergeten. Omdat God mensen opzoekt waar ze ook zijn, en omdat Hij mensen stuurt – misschien stuurt Hij ons wel op wat voor manier dan ook.

Ik hoop dat dit boek ertoe bijdraagt dat wij de Yali’s en de Papua’s niet vergeten.

Henk van der Steeg


Henk van der Steeg was zendingspredikant en docent aan de Theologische School in West Irian.