Protestantisme en Palestina

In de tijd van de Reformatie legde het protestantisme weinig belangstelling aan de dag voor het reëel bestaande Palestina. Om Gods wil te kennen was de Schrift voldoende. Bovendien deed zich het probleem voor dat het Land van de Bijbel onder gezag stond van een islamitische overheid.

Het Ottomaanse bestuur hanteerde het millet-systeem.[1] Erkende religieuze minderheden behielden een interne autonomie. Ze dienden zich verre te houden van inmenging in elkaars aangelegenheden. Protestanten ontbraken aanvankelijk in deze ordening: de bedevaartplaatsen waren in handen van Grieks-orthodoxen of rooms-katholieken, of in een enkel geval van maronieten, melkieten, kopten of Ethiopische christenen. Het gebied werd zelden door calvinisten bezocht. Kanäan leek ‘onder de onzalige heerschappij der woeste Arabieren en alles vernielende Turken, bijna gelijk aan eene wildernis’.[2]

In 1823 kregen de Engelsen echter toestemming om een zendingspost op de Zionsheuvel bij Jeruzalem te vestigen. De Duitsers sloten zich daarbij aan, wat in 1841 resulteerde in een Engels-Pruisisch protestants bisdom. Zwitserse protestanten werkten in Palestina met hun Baseler Mission. Vanuit Chicago werd in Jeruzalem de American Colony opgericht. Een gedeelde fascinatie was de wederkomst van Jezus Christus.

“Zelfs een kort overzicht van de protestantse betrokkenheid op Palestina maakt duidelijk hoe belangrijk de verhelderende bijdrage is die Meindert Dijkstra levert met zijn boek over de geschiedenis en bevolking van het land.”

Onder Britse puriteinen was de gedachte opgekomen dat die kon worden verhaast door terugkeer naar ‘Kanaän’ van het Joodse volk. Sir Henry Finch had er in 1621 een boek aan gewijd: The World’s Great Restauration.[3] George Stanley Faber behoorde in 1809 tot de oprichters van de London Society for Promoting Christianity amongst the Jews. Hij schreef er een bestseller over: A general and connected view of the prophecies, relative to the conversion, restauration, union and future glory of the Houses of Judah and Israel.[4]

Ook Lord Anthony Ashley Cooper, de zevende earl van Shaftesbury, droomde van een ‘Jewish-Christian restauration in the Holy Land’.[5] De Australiër George Gawler ging nog een stap verder: een Joodse nationale staat als bondgenoot van Groot-Brittannië tegen de Islam. De Amerikaanse schrijfster George Elliot (Mary Ann Evans) bepleitte zo’n staat in haar roman Daniel Deronda (1876), maar zonder het bekeringsmotief. Een culturele spilfunctie tussen Oost en West was voor haar voldoende.[6] Zending werd verbonden met westerse vooruitgang, als twee zijden van één medaille.

 

(…)

 

– Gert van Klinken, PThU

 

Lees de volledige bijdrage hier.

 


Palestina en Israël – Meindert Dijkstra

Palestina en Israël - Meindert DijkstraEen verzwegen geschiedenis

Dit boek is een wetenschappelijke historische studie over de onbekende geschiedenis van Palestina en Israël vóór de stichting van de staat Israël in 1948. Het is een verzwegen geschiedenis van winnaars en verliezers in hetzelfde land, van de 13e eeuw voor Christus  tot aan de Eerste Wereldoorlog.

Dit boek helpt te begrijpen waarom de Palestijnen, wat ook hun herkomst is geweest, al eeuwenlang geworteld zijn in hun erfgoed Palestina en nog altijd recht hebben op een eigen land, volk en staat.

 

Bestel het boek hier

 


N.a.v. Palestina en Israël | Meindert Dijkstra | Uitgeverij KokBoekencentrum | Als paperback | Als e-book


 

[1] Van milla: een door de overheid erkende religieuze gemeenschap van Ottomaanse onderdanen.

[2] J.A. Oostkamp, De merkwaardigste Bijbelsche Land- en Zeereizen. Een leesboek voor de jeugd, Amsterdam 1833, 55-56.

[3] Henry Finch, The World’s Great Restauration, or the Calling of the Jews, and with them of all the Nations and Kingdomes of the Earth, to the Faith of Christ, London 1621. Cf. R.J. van Elderen, Toekomst voor Israël. Een theologie-historisch onderzoek naar de visie op de bekering der joden en de toekomst van Israël bij Engelse protestanten in de periode 1547-1670, tegen de achtergrond van hun eschatologie, diss. Kampen 1992, 133-143.

[4] G.S. Faber, A general and connected view of the prophecies, relative to the conversion, restauration, Union and future glory of the Houses of Judah and Israel, London 1809.

[5] Shlomo Sand, The invention of the Land of Israel. From Holy Land to Homeland, London/New York 2012, 151.

[6] Cf. voor de invloed van George Elliot op het vroege zionisme: Martin Gilbert, Israel. A history, London 2008, 4.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *