Kerk

De toekomstbestendigheid van gezamenlijke kerken

Zaterdag 28 september organiseerde de Stichting Kerken in de Schijnwerper een feestelijk symposium ter gelegenheid van Nijkerk 600 jaar. Tijdens het symposium vond de presentatie plaats van het omkeerboek Heilig Nijkerk / Hemels Hoevelaken geschreven door John Exalto en Fred van Lieburg. Diverse sprekers waaronder Leo Fijen, Henk Vreekamp, Mechteld Jansen verzorgden een inleiding. Hieronder de afsluitende bijdrage van Leo Fijen.

Hoe toekomstbestendig zijn de kerken, ook vanuit de eenheid bezien? Dat is de vraag die voorligt bij 600 jaar Nijkerk. Het antwoord kan leiden tot wetenschappelijke verhandeling, hemelse beschouwing en sociologisch cynisme, mijn antwoord is concreet en komt tot uiting in tien punten. Ze volgen hieronder.

  1. Stop met klagen. Doe niet aan doemdenken. En kijk niet te veel naar binnen maar richt de blik naar buiten: waar zijn kerken nodig? Denk ook niet te veel aan het overleven van de kerken, maar besef dat kerken het heil kunnen brengen.
  2.  De toekomst wordt niet door boven (instituten) maar door beneden (kerkvolk) bepaald.
  3. De eenheid wint aan geloofwaardigheid wanneer kerken samen optrekken en laten zien dat geloof en leven nog bij elkaar horen. Kerken doen hun deuren open en worden in gezamenlijke diaconale projecten zichtbaar in de samenleving.
  4. Kerken vieren in de liturgie het verbond van God met mensen, maar verbinden dat verbond met voorbeelden uit het alledaagse leven.
  5. Er is alleen maar toekomst voor protestanten en katholieken in Nijkerk wanneer de sprakeloosheid wordt doorbroken. Daarmee wordt niet bedoeld de kennis van de bijbel of het kerkelijk leven, maar de opdracht voor iedere christen om ook vanuit het eigen hart persoonlijke woorden aan het geloof te geven.
  6. Kerken moeten aansluiten bij de cultuur van deze tijd die bepaald wordt door evenementen. Dus kerken organiseren een paar keer per jaar kortlopende evenementen die oecumenisch van karakter zijn en iedere burger de kans geven even aan te haken bij het leven van de kerken.
  7. Kerken doen er verstandig aan te investeren in informele leiders. Als instituten en kerkleiders steeds verder af komen te staan van het alledaagse leven, als leiderschap meer en meer gefragmenteerd wordt in Nederland, dan zijn informele leiders wellicht in staat om mensen, kerken en denominaties met elkaar te verbinden.
  8. Doe niet zo problematisch over jongeren. Elke organisatie heeft moeite om jongeren te binden (omroepen, vakbonden, politieke partijen, sportverenigingen). Dan is het niet vreemd dat kerken daar ook problemen mee hebben. Laten we dit meer relativeren en kijken hoe we gezamenlijk meer kunnen betekenen in het leven van jongeren.
  9. Kerken hebben meer dan welke organisatie ook ter plaatse nog de structuur van de gemeenschap. Gezamenlijk kunnen kerken die gemeenschapszin aanbieden aan de burgers en daarmee tegemoet komen aan het diepe verlangen naar geborgenheid en thuiskomen in een tijd dat ieder het maar voor zichzelf moet uitzoeken. Juist naar ouderen en kansarmen kunnen de kerken zo veel betekenen.
  10. Laten de kerken meer vertrouwen op de Heilige Geest.