GeschiedenisKerkKerkgeschiedenis

Chrysotomos’ preek tot Eutropius

‘Méér dan misschien wel ooit eerder in het leven van de meesten van ons, komt het ook in deze dagen aan op ware woorden. De preek is daarvoor een wellicht wat ouderwets, maar nog altijd ijzersterk medium, mits we hem niet reduceren tot vrome peptalk voor de eigen club.’

Prof.dr. Marcel Barnard hield een lezing bij de presentatie van het nieuwe handboek voor preken van Bert de Leede en Ciska Stark, Ontvouwen: Protestantse prediking in de praktijk.

Hieronder kunt u het eerste deel lezen, het hele artikel staat op PreekWijzer.

 

Chrysotomos’ preek tot Eutropius

In het jaar 399 wordt Eutropius, na een snelle carrière aan het keizerlijke hof, consul van Constantinopel. Hij wordt beheerst door wreedheid en hebzucht en roept daarom niet alleen de haat van andere leden van de hofhouding, nee zelfs van de keizerin zelf, over zich af, maar ook de volkswoede.

Ook met de aartsbisschop van de stad, Guldemond Chrysostomos, raakt hij in conflict, en wel over het asielrecht van de kerk. Het asielrecht ondergraaft de tirannieke wil van de alleenheerser, en altijd en overal zal hij dat recht van steden, campussen of kerken op zijn beurt proberen te ondermijnen.

Ik zeg het de Prediker na:

Wanneer men van iets zegt: ‘Kijk, iets nieuws,’ dan is het altijd iets dat er sinds langvervlogen tijden is geweest.

Tegen de volkswoede en de haat van de elite houdt geen leider het lang uit, en de ironie wil, dat Eutropius nog in het jaar van zijn aanstelling als consul, zélf asiel moet zoeken in de kerk van Chrysostomos. De aartsbisschop, tegelijkertijd de befaamde liturg die de liturgie van de oosterse kerk tot op de dag van vandaag bepaalt, én de prediker beroemd om zijn ongezouten kritiek op de autoriteiten, houdt dan een – wij zouden nu zeggen: theatrale – preek voor het toegestroomde gehoor, maar allereerst voor die ene onder hen – ‘zonder banden, om deze kolom als met nagels geklonken, terwijl hem de vrees als een keten klemt’ –, Eutropius zelf.

De preek behoort onbetwist tot de canon van roemrijke redevoeringen. Met zijn bloemrijke eloquentie, in al even bloemrijk negentiende-eeuws Nederlands vertaald door Willem Bilderdijk, verdedigt Chrysostomos Eutropius en roept hij zijn gehoor op tot humaan gedrag:

 

Mocht ik uwe harten vermurwen, uwen wrevel uitdrijven? en den gloed uwer onmenschelijkheid blusschen? Zijn gij tot medelijden bewogen? Mijn hart zegt mij, ja, en uw-aller gelaat bewijst het mij in uw stroomende tranen.

 

Lees het volledige artikel op PreekWijzer!.

ISBN: 9789023970132 | Uitgeverij: Boekencentrum| Uitvoering: Hardback| Bestel het boek hier