GeloofKinderen

Nieske Selles over geloofsopvoeding: ‘Het vraagt om discipline’

Nieske Selles over geloofsopvoeding: ‘Het vraagt om discipline’

 

Nieske Selles-ten Brinke heeft goede herinneringen aan de momenten van geloofsgesprek met haar ouders. Nu schrijft ze zelf dagboeken voor kinderen, en boeken voor ouders om hen te helpen vorm te geven aan de geloofsopvoeding. Op een mooie zomerochtend ontmoeten we elkaar in haar tuin. Het is nog vakantie en de kinderen spelen buiten of zijn op weg naar een vriendje. Een levendig gezin, waar bewust tijd wordt vrijgemaakt voor geloofsopvoeding.

 

auteursfoto web
Nieske Selles

Als we het hebben over geloven in het gezin, of huisgodsdienst, wat komt dan als eerste bij je op?
‘Het was bij ons thuis vroeger een speerpunt in het gezin. Elke week kwamen we op een vast moment bij mijn vader op de studeerkamer. We leerden dan een bijbeltekst uit ons hoofd en zegden die op. Er was zelfs een beloningssysteem. Mijn vader zegende ons dan ook. Het was geen zwaar moment, eerder een één-op-één momentje. Het was tijd samen met papa en met God.’
‘Toen mijn man en ik kinderen kregen, waren we ons (al tijdens de zwangerschap) ervan bewust dat we de verantwoordelijkheid kregen om deze kinderen groot te brengen tot eer van God. Daarin hebben we gezocht naar eigen manieren om dat vorm te geven.’

Kun je daar iets over vertellen? Hoe doen jullie dat?
‘Allereerst door de verschillende rituelen van bidden en bijbellezen rondom de maaltijd. Daarnaast hebben we met ieder kind afzonderlijk een moment voor het naar bed gaan. Dan lezen we samen een dagboekje of in de Bijbel. We bidden en we zegenen de kinderen. Die vaste rituelen geven vrede en rust aan de kinderen.’
‘Daarnaast geloof ik dat het vooral gaat om wie jij als ouder voor je kinderen bent. Het voorbeeld dat jij zelf als ouder geeft, is belangrijker dan de rituelen die je doet. Hoe jij omgaat met verdriet en vreugde, of met dingen die je fout doet, leert de kinderen veel. Hoe geloofwaardig ben je zelf? Doe of wees wat je zegt. Als je je eigen kwetsbaarheid en echtheid laat zien, kom je binnen bij je kinderen.’

Dat is wel een behoorlijke investering: voor ieder kind afzonderlijk tijd nemen voor het naar bed gaan. Lukt jullie dat echt?
‘De ene keer lukt dat beter dan de andere. Het is soms maar vijf minuten, een andere keer is het meer dan een kwartier. Maar het moment en het ritueel blijft. Het vraagt om discipline. Ik heb ook niet altijd zin. Of dan kom ik rond negen uur beneden en dan staat het aanrecht vol met afwas. Maar het geheim van discipline is motivatie. Als je iets echt belangrijk vindt, maak je er ook tijd voor. Bovendien hebben wij bij de doop als ouders een belofte gegeven. Dat is een sterke motivatie.’
‘Het is wel belangrijk dat het niet een moeten wordt. Het moet een verlangen zijn. Het is ook goed om het flexibel te laten zijn. Mijn dagboekjes hebben daarom geen indeling op datum. Anders heb je als het een dag niet lukt, direct zo’n faalgevoel. Af en toe doe je het niet, of op een andere manier. Ik geloof dat als je er de tijd voor neemt, God het gaat zegenen.’

Je spreekt veel over één-op-één momenten met je kinderen. Voor mij zijn juist de momenten met het hele gezin samen belangrijk. Hoe kijk jij daar tegen aan?
‘Wij kiezen voor beide. Zo proberen we samen met het gezin toe te leven naar de christelijke feesten, zoals een kind uitkijkt naar zijn verjaardag. Het sluit aan bij wat kinderen leuk vinden. Het geloof wordt zo ook iets fijns. In mijn boek Vier het samen geef ik concrete tips hoe je dit vorm kunt geven. Je hoeft niet alles zelf uit te vinden, ideeën zijn overal te vinden.’
‘We hebben daarnaast individuele momenten, omdat ieder kind anders is. Er zijn altijd kinderen die snel reageren op een vraag, waardoor een ander minder ruimte krijgt. Het is belangrijk dat het gekoppeld wordt aan het eigen leven van het kind. Dat lukt beter op zo’n momentje voor het slapen gaan. Maar iedereen moet natuurlijk zelf zoeken wat past. Het is en blijft een continu proces van zoeken.’

In hoeverre is dat in onze tijd lastiger dan vroeger?
‘”Geen tijd” is wel het gevaar van onze tijd. Daarom is het goed om een tegenbeweging te maken en juist wél tijd vrij te maken. De invloed van de samenleving zie je ook op andere terreinen in de opvoeding. Denk aan de invloed van media. Onze oudste zoon van 12 vindt het niet leuk dat wij zijn telefoon controleren, want “dat doen andere ouders nooit”. Of klasgenootjes mogen zelf weten wat ze kijken op televisie – hij niet. Wij kiezen ervoor om samen te luisteren naar de muziek die hij draait. Dat is niet altijd leuk, maar wij zijn verantwoordelijk voor hem.’
‘In de workshops die ik geef, merk ik dat het belangrijk is dat ouders hun zorgen, twijfels en vragen met elkaar delen. Je kunt elkaar bemoedigen. Zeker in deze tijd hebben ouders elkaar hard nodig. De kerk kan zo’n plek bieden.’

(Dag)boeken
Nieske Selles heeft samen met haar man Allard vijf kinderen, onder wie drie pleegkinderen. Na jaren in het onderwijs te hebben gewerkt, is ze nu fulltime (pleeg)moeder en schrijft ze boeken voor ouders en kinderen over pleegzorg en geloofsopvoeding. Ook geeft ze workshops over geloofsopvoeding en het vieren van christelijke feesten in het gezin.

mijn eigen prekenschrijfboek 140 pix

Haar nieuwste boeken zijn:
Mijn eigen prekenschrijfboek – met open vragen, meerkeuzevragen, puzzels en gebedspunten over en bij de kerkdienst.
Wie ben Ik? – een boekje om aan de hand van zeven ‘Ik ben-teksten’ in gesprek te gaan met jonge kinderen.

Eerder verschenen bij uitgeverij Jes! haar dagboeken Jouw reis door de Bijbel (7-9 jaar), Jouw avontuur met de Bijbel (7-9 jaar) en God kent jou (5+).

Zie www.nieskeselles.nl
Dit interview verscheen eerder in het blad Dichtbij van de HGJB.