Zending

Nami Wa

Eerder dit jaar vond in het Landelijk Dienstencentrum van de Protestantse Kerk in Nederland de presentatie plaats van het boek Vergeten wereld, eerste ontmoetingen met de Yali’s in het bergland van Papua. Tijdens de presentatie werd een aantal lezingen gehouden. U kunt de komende week de teksten nalezen op Theoblogie. Vandaag de het tweede deel van de lezing door Ibrahim Peyon.

Nami wa, nami wa, nami wa – dat waren de woorden waarmee de Yali’s ds. Zöllner en dokter Vriend begroetten. Het woord nami is in de Yali taal een verwantschapsterm, de broer van de moeder wordt ermee aangeduid. In de Yali cultuur is de nami zeer belangrijk, in goede en slechte tijden, gedurende heel het leven. Als een kind geboren wordt komt de nami of nomum (zuster van de moeder) het verzorgen. Bij de initiatie geeft de nami het geschenken met symbolische waarde voor als het volwassen wordt, zoals pijl en boog als symbool voor mannelijkheid en moed. Verder geeft hij varkens, netten, stenen en schelpen (traditioneel betaalmiddel) als symbolen van vruchtbaarheid, welvaart en rijkdom. En hij geeft hem wat wordt genoemd hom anggen, dat is zoiets als zijn eigenheid, zijn individualiteit. In geval van onheil of ziekte speelt de nami een belangrijke rol bij de genezing.

De term nami wordt ook gebruikt voor een persoon of een gemeenschap die helpt bij het overleven, die bescherming biedt en zorgt voor het voortbestaan van een groep of gemeenschap. Als iemand bijna door een vijandelijke partij gedood wordt maar een ander komt hem te hulp om hem te redden en die relatie blijft bestaan, dan wordt zo iemand beschouwd als een nami. Soms wordt een dorp aangevallen door vijanden en mensen uit een ander dorp komen het te hulp, dan worden ze ook gezien als nami. Dit is dan niet maar voor een moment, maar deze rol is blijvend. Vaak worden ook mensen als nami beschouwd als ze een dorp helpen dat getroffen wordt door onheil en waar veel mensen sterven als gevolg van fouten die gemaakt zijn bij de uitvoering van een muruwal (initiatie) in het verleden. Of als iemand bij een stamoorlog bemiddelt tussen de vijandige partijen om vrede te bewerkstelligen, wordt zo iemand ook nami genoemd, ze brengen vrede, geluk, welvaart en saamhorigheid.

Tegen deze achtergrond begroetten op 23 maart 1961 de Yali’s de zendeling Siegfried Zöllner en dokter Wim Vriend in Piliam in het Yalimodal met de term nami. De autochtone Papua’s in het gezelschap werden daarentegen aangesproken met de term nunggul. Nunggul betekent hoofd, familie of mijn eigen broer. Belangrijk is dat de Yali’s dus verschil maakten tussen de blanken en de autochtone Papua’s. Zij begrepen dat de blanken door hun aanwezigheid in de toekomst grote veranderingen zouden brengen. Zij vervulden de rol van de nami in hun cultuur. Zöllner en Vriend waren voor de Yali’s in die tijd, nu en in de toekomst nami. Zij brachten een verandering in het leven van de Yali’s door een stevig fundament voor hun menselijke ontwikkeling te leggen . Dat fundament is het Evangelie van de waarheid en grootheid van Jezus Christus zoals dat zijn invloed laat gelden te midden  van de bergen in de dalen van Yalimo. Zöllner en Vriend hebben als nami  veel veranderingen gebracht, na hen kwamen ds. Adam Roth, ds. Helmut Benz, ds. Klaus Reuter, ds. Friedrich Tometten, dokter Singkeri, ds. Aring, zuster Trijntje, dhr. Baute, dhr. Klaus en vele anderen van wie ik de namen hier niet een voor een kan noemen. De Yali’s zagen hen als nami omdat ze veel gedaan hebben voor de ontwikkeling van de Yali’s. Ze werden door de Yali’s niet slechts als zendelingen gezien die louter het Evangelie brachten, ze brachten meer dan dat. Eensgezind legden ze het fundament voor de ontwikkeling van de Yali’s. Verschillende dingen kunnen we hier noemen: het schrijven van boeken over de Yali cultuur, de vertaling van de Bijbel, het samenstellen van een Yali woordenboek, het opstellen van een contextuele kerkorde, de bouw van een ziekenhuis, het opzetten van een landbouw- en veeteeltproject, het geven van onderwijs. Vooral het onderwijs bleef niet beperkt tot het faciliteren ervan, het ging om meer: van de bouw van scholen en internaten tot studiebeurzen toe. Als resultaat hiervan zijn er nu al veel afgestudeerden, sommigen van hen zijn nu vooraanstaande figuren in hun gebied. Je kunt dit een totale aanpak noemen of een holistic approach. Hier ligt een verschil tussen de andere zendelingen in Papua en de nami van de Yali’s.

Iets dat ten slotte van grote betekenis is voor de Yali’s is de viering van het 50-jarig jubileum in 2011 in Angguruk en volgend jaar in Apahapsali. De Yali’s zijn er trots op dat ze dit gevierd hebben en gaan vieren samen met de Profeten van de Yali’s. De Heer heeft deze Profeten een hoge leeftijd gegeven om het werk van hun handen te mogen zien. Zij zijn degenen die echt de rol van nami in de Yali cultuur vervuld hebben.

Het sluiten van vrede en de voortgang van het Evangelie

Toen de zendelingen en hun metgezellen waren aangekomen in Piliam, verspreidde dat bericht zich snel in heel het gebied van de Yalimodalen: de dalen van Yahuli, Ubahak, Sibi, Pondeng, ja zelfs van Habie. In mei 1961 trokken de beide zendelingen richting van het Yahuludal via Waniok. Niet lang daarna werd er vrede gesloten tussen de mensen van het Yahuludal en die van Piliam in het Sibidal. In dezelfde tijd werd er vrede gesloten in het Sibi- en het Pondengdal. In de beginjaren na de komst van Zöllner, Vriend, Roth en Benz werd er overal vrede gesloten. Daar staat tegenover dat er in verschillende gebieden snel muruwal (initiatieplechtigheden) gehouden werden met als doel wat werd genoemd ap wirig baltug en dat betekent zoveel als: de mensen volledig/volwassen maken om stand te kunnen houden tegenover de invloeden van de vernieuwingen die er aankwamen. Er waren ook gebieden waar men het gevoel had dat men nog niet genoeg mensen van de vijandelijke partij gedood had vergeleken met de eigen slachtoffers en men daarom snel nog enkele mensen wilde doden. Zo waren er enkele gevallen in het Yahulidal en zo was er de overval op Benz en zijn mensen aan de oever van de Pondengrivier. Door deze gebeurtenis werd een oorlog ontketend tussen de bewoners van het Habiedal. Hier pleegden mensen uit Sali moorden op verzoek van de mensen uit Tangumsili in het Habiedal. Het gebied tussen de Pondengrivier  en het Habiedal werd slachtoffer van deze ontwikkelingen: het bleef gesloten voor de verkondiging van het Evangelie tot begin van het jaar 1972. Door de voortgang van het Evangelie in het Yahulidal maakten Sibi, een deel van het Pondengdal en Habie een snelle ontwikkeling door. Voor de bewoners van het Werenggikdal en een deel van het Pondengdal was dat aanleiding om zelf het initiatief te nemen om zendelingen naar hun gebied uit te nodigen. Het stamhoofd Palu Peyon, mijn vader, nam zelf als leider in dat gebied het besluit om snel zendelingen te vragen. Hij zond daarvoor Hulumu, Yahabiluk en Lintek naar Apahapsali. Op grond van dat verzoek stuurde ds. Helmut Benz toen Matius Kepno, afgestudeerd aan de evangelistenschool en behorend tot de eerste lichting van de bijbelschool in Angguruk. In 1974 gaf mijn vader ook leiding aan een vredesluiting in het Werenggikdal. Deze vredesluiting was de laatste in een reeks als gevolg van de verkondiging van het Evangelie in heel het gebied van het Yalimodal.

Besluit

In de levensfilosofie van de Yali’s wordt het Evangelie en de komst van de zendelingen gezien als iets dat hun van vroeger bekend was door hun geschiedenis en cultuur. Het Evangelie associeerden ze met het wezenlijke van hun cultuur. Op grond van deze voorstellingen ontvingen ze het Evangelie en de zendelingen met vreugde en vrede. En daarom ook werden de zendelingen nami genoemd, dat wil zeggen mensen die bescherming, vrede en geluk brengen. Uiteindelijk hebben de nami van de Yali’s  met hart en ziel hun levens ingezet om de grondslag te leggen voor de nieuwe ontwikkelingen voor de Yali’s. Zij hebben als nami met enthousiasme en eensgezind veel bewerkstelligd, ze hebben nieuwe generaties Yali’s opgeleid voor de kerk, de overheid en de maatschappij in Papua. De nami van de Yali’s hebben niet alleen een rol gespeeld als louter zendelingen maar ze hebben gebruik gemaakt van een holistische benadering  voor de groei van het Evangelie en de menselijke ontwikkeling. Ten slotte spreken wij in alle nederigheid onze grote waardering en hulde uit aan onze vaders en moeders die zich in het verleden als zendelingen ingezet hebben in het Yalimodal. Wij groeten u en bidden voor u. Moge de Heer Jezus Christus met ons allen zijn. Ten slotte zing ik voor u een lied in de Yali taal dat gezongen werd bij het 50-rarig jubileum van de komst van het Evangelie. Vertaald luidt het als volgt:

Het Woord van God kwam van ver,
Yalimo hier was in duisternis.

God de Vader houdt van ons,
zendelingen kwamen om het Evangelie te brengen … voor ons Yali’s

Vijftig jaar geleden
waren wij in duisternis –
God heeft ons gered.

Vijftig jaar geleden
waren wij in duisternis –
Jezus Christus heeft ons lief.

Refrein

Yali’s, Yali’s, voor ons Yali’s
brachten ze het Woord van God.

Yali’s, Yali’s, voor ons Yali’s
brachten ze het Evangelie van Jezus.

Zendelingen kwamen voorbij de Ilit- en Sohosaberg
Zendelingen kwamen over de Wai en Tanimbarberg.

Ibrahim Peyon, master at the department of anthropology, Cenderawasih University, Jayapura, Papua.

N.a.v. Vergeten wereld, eerste ontmoetingen met de Yali’s in het bergland van Papua door Siegfried Zöllner, vertaling door Wim Vriend.