Kerkelijk jaar

Van Advent naar Kerst – dag 19

Kerst, ook voor paarden

‘Preekt u ook wel eens voor paarden?’
Het was een Zeeuwse ondernemer die me die vraag voorlegde, de voorzitter van een hele groep ondernemers. Stevig refo allemaal, begreep ik. ‘We hebben in december een ontmoetingsavond. Kunt u ons iets komen vertellen? Of preekt u alleen voor schapen?’
Ik moest even nadenken. Preken voor paarden? Volgens de ondernemer zouden dominees vrijwel altijd preken voor schapen. Op zich prima natuurlijk. Zeker op zondag, dan zijn we allemaal schapen.
‘Maar in de week voelen we ons hardwerkende paarden en bepaald geen sneue schapen. Echte Zeeuwse trekpaarden, zeg maar.’
‘Ik geloof dat ik u begrijp’, zei ik. ‘En nu is uw vraag of in de stal van Bethlehem ook plaats is voor trekpaarden? Zo ongeveer?’

Mijn hoofd draaide al. Op weg naar kerst kom je geen paarden tegen. Wel ossen en ezels. Allemaal schorriemorrie, maar uit genade de vaste aanwezigen in de stal. Ossen waren toen de werkpaarden, de trekdieren. Vaak zwaar gestrest, maar toch zelden vervreemd van de stem van hun heer. Paulus – een beetje onhandig – vergelijkt dominees wel met ossen, zelfs met dorsende ossen. Werkbeesten die in een kleine ruimte voornamelijk in een kringetje ronddraaien. Die zo wel voor brood zorgen, overigens. Ezels zijn vooral lastdragers. Die heb je in alle tijden en culturen. Voor dit soort mensen is altijd ruimte in de stal geweest volgens het woord van de Heer: ‘Kom tot Mij die vermoeid en belast zijt!’
En er zijn natuurlijk veel schapen. Die waren al in de stal voordat de Heer er was. Anderen kwamen met de herders mee. Later staan er bij de stal nog enkele kamelen geparkeerd; de Mercedessen van de oudheid. Maar paarden?

Een paard is in de Bijbel een heel ander dier. Het gaat al snel over een briesend paard dat uiteindelijk ‘moet sneven’. Het paard deed vooral dienst in legers en veldslagen. Het was een soort tank. Een vechtbeest. David was er zo bang voor dat hij – arme dieren – een hele rij oorlogspaarden de pezen liet doorsnijden. Op een paard zit je ook wel erg hoog. Een paard voedt de menselijke hoogmoed en overmoed, maar misschien geeft het je ook wel ambitie en moed in de strijd om het bestaan. In elk geval: een paard gaat het gevecht niet uit de weg. Met de omstandigheden, met de tegenkrachten, met de moordende concurrentie misschien, en vooral met jezelf en met God. Het is hard werken, het is winnen en verliezen, in je zelf geloven en aan jezelf wanhopen. Ja, zulke mensen zijn er ook.
Preekt u ook wel eens voor paarden? Is er ook kerst voor paarden? Als je je succes uit handen durft geven aan een Kind.

In Salomo’s tijd hoorden paarden bij de dingen die je als aanbiddingsgeschenk afdroeg en toewijdde aan de messiaanse Koning. Op een wit paard is Hij al naar ons onderweg; advent. Zijn uiteindelijke overwinning te paard is onze ultieme hoop (Openb. 19:11).

Bron: P.L. de Jong in Woord & Dienst 2012/47