ApologetiekGeloofKerk

God is niet op afstand gebleven, hij vloeit over in onze werkelijkheid

Arjan Plaisier schreef een hartstochtelijk, persoonlijk geloofsboek, dat in grote lijnen en met veel diepgang laat zien hoe overvloedig God is en dat dat een antwoord van mensen vraagt in overgave.

Overvloed & Overgave is een geloofsboek in vier delen: over openbaring (wie is God, hoe laat hij zich zien aan mensen), over geloof (op welke diverse manieren geloven mensen), over de kerk (welke beelden helpen ons in hoe we de kerk zien en eraan bouwen) en ten slotte over hoe we de werkelijkheid zien in het licht van God. Het is bepaald geen beschouwend, filosofisch boek. Ook geen kleine dogmatiek. Niks mis met een dogmatiek overigens, maar dit boek is anders. Op het Landelijk  Dienstencentrum sprak Nynke Dijkstra met Arjan Plaisier over zijn boek. Dit interview verscheen eerder in Woord & Dienst 62/10, oktober 2013.

Wat wilt u met dit boek, wat is uw verlangen?
“Ik hoop dat het boek helpt om weer onbevangen te spreken over ons geloof; om het weer over God te hebben zonder dat onmiddellijk te problematiseren. Het begint bij de verrassing – bij dat wat ons geschónken is. Kunnen we opnieuw verrast worden door de vreugde van het geloof? Als we alles onmiddellijk gaan problematiseren, kan het zomaar zijn dat we daarin blijven steken en dat we daarmee ook op afstand komen van God. Dan wordt het iets van: ‘ik geloof – nog nét’. Maar kun je ook een kwartslag draaien en met je gezicht naar de zon gaan staan? Iets hogerop komen in de ruimte van het heil? Je hoeft de problemen daaromheen niet te ontkennen, maar geloof is ook een wereld waar je ín zit. Dat moet je niet op afstand zetten.

De titel Overvloed & Overgave verwijst twee keer naar het uitbundige en niet naar het gereserveerde. Overgave heeft ook iets van: met huid en haar. Je gaat kopje onder in de doop, en je steekt niet alleen maar je grote teen in het water. Je raakt de controle kwijt én je komt weer boven!”

Het is een boek vol hartstocht. Niet iedereen heeft daar iets mee. Hoe ziet u dat?
“Hartstocht is niet gangbaar in de kerk. We dekken ons wat in, we zijn kopschuw. Maar het vuur is er wel, en het brandt ook. Het vuur in dit boek heb ik zelf ook ontvangen – vanuit de kerk. En niet alleen onze kerk zoals die nu is, maar ook breder: Europa, het verleden. Ik denk aan Augustinus, Pascal, Chesterton, Lewis, maar ook in Nederland: Gunning, Noordmans en Miskotte.

Hartstocht en vreugde zijn niet maar karaktertrekjes die je toevallig wel of niet hebt. Ze worden opgeroepen door het evangelie zelf. En ik kom nog steeds diepgelovige mensen tegen die dat geloof uitstralen als een houvast waaraan ze troost en vreugde ontlenen. Als dominee kom je ze tegen, en ze zijn een geschenk.”

U vestigt de aandacht op poëzie, op de verhalen, het grote verhaal en het drama. Wat is de gedachte daarbij?
“Dichters zijn vertolkers van de werkelijkheid, ook van de werkelijkheid van God. We zingen niet voor niets liederen in de kerk. Een gedicht is geen irrationele eruptie. Een dichter vertolkt de werkelijkheid – ook die van God – zó dat God zelf daarin zichtbaar wordt. Hij klopt op de woorden totdat ze openbloeien en openkieren. Ook andere vormen, zoals het epos – het grote bijbelse verhaal – en het drama, maken duidelijk dat wij opgenomen zijn in de openbaring van God en er niet de toeschouwers van zijn. God zelf is in onze werkelijkheid en wij maken daar deel van uit.”

Is God in de werkelijkheid? Hoe vanzelfsprekend is dat?
“Dat wordt natuurlijk nooit vanzelfsprekend. Gods aanwezigheid is niet ons bezit, we hebben God niet in onze broekzak. Maar God is niet op afstand gebleven, hij vloeit over in onze werkelijkheid. God is meer dan een flard; meer dan een flits – soms even. Hij is er van dag tot dag. Er is een continuüm, een doorgaande aanwezigheid van God die ons draagt.

Als het geloof alleen maar chaotisch en fragmentarisch is, dan houd je het daarmee ook op een afstand. En soms wordt van de nood een deugd gemaakt: we zien niets meer van God en besluiten dat Hij er dan ook niet is; we rekenen niet meer met zijn aanwezigheid in de werkelijkheid. Dat kan ertoe leiden dat mensen die bijvoorbeeld een genezing hebben meegemaakt, geconfronteerd worden met boosheid, met een storm van verontwaardiging zelfs. Dat heeft weer tot gevolg dat niemand meer durft te zeggen: ‘Kom, laat mij vertellen wat God mij heeft gedaan’.”

U beschrijft vier typen gelovigen: lente, zomer, herfst en winter. Daar is veel reactie op gekomen. Mensen herkennen zich er kennelijk in?
“Ja, en dat was ook mijn bedoeling. Dat je je eens afvraagt: wie ben ik in mijn geloof? In welk seizoen herken ik me? Er is grote diversiteit. En mensen zijn natuurlijk ook niet echt ‘in te delen’. We kunnen onszelf in meerdere seizoenen herkennen.

Maar het is niet bedoeld als een interessant spelletje. Het gaat mij er uiteindelijk om dat we weer in gesprek raken over God. God, die gepassioneerd tot ons komt. Daarbij gaat het ook om het algemene verlangen van mensen naar goedheid, waarheid en schoonheid, waarover ik in het laatste deel van het boek spreek. Ieder mens strekt zich daarnaar uit. Je kunt niet zeggen: de waarheid doet er niet toe. Je kunt ook niet zonder goedheid en schoonheid. Ik geloof dat God zich laat zien in waarheid, goedheid en schoonheid – dat die ten diepste bij God te vinden zijn.”

Arjan Plaisier
Dr. Arjan Plaisier, van oorsprong hervormd, was zendeling en daarna predikant in de Protestantse Kerk. Sinds 2008 is hij scriba van de synode van de Protestantse Kerk in Nederland, een fulltime functie waarmee hij in veel opzichten het gezicht van de kerk naar  buiten is. Overvloed & Overgave is daarmee niet alleen een persoonlijk document, maar tevens een aanbod dat richting wil geven  aan de Protestantse Kerk. Meer weten over deze uitgave? Bekijk het video-interview met Arjan Plaisier:

[vsw id=”Lbci3Mn9ZgM” source=”youtube” width=”425″ height=”344″ autoplay=”no”]