Geloof

Gebeurt het Heilige nog? En waar? – door Theo Pleizier

Een theologische peiling aan de hand van het nieuwe boek van Gerrit Immink.

De grote zaal op Hydepark zat op vrijdagmiddag 30 september helemaal vol. Wie er nog bij had gewild, stond op een wachtlijst. Iets wat nog maar zelden voorkomt bij een studiemiddag rond een nieuw verschenen theologisch boek, gebeurde rond de publicatie van het nieuwe boek van prof. dr. Gerrit Immink: Het heilige gebeurt. Toch stond ook niet iedereen in de rij. Op twitter verklaarde iemand dat hij zich niet had aangemeld, teleurgesteld als hij was over de opzet van de middag. Missionair zal het niet worden, zo vermoedde hij.

Lege banken
Hoe anders dat zou zijn, bleek toen de eerste spreker van de middag, prof. dr. Marcel Barnard, aandacht vroeg voor de context waarin het boek verschenen is: Om mij heen in de kerkbanken is het leeg geworden. Dan staat de spanning er gelijk op. Want Immink biedt met zijn boek een overzicht van de praktijk, theologie en traditie van de protestantse kerkdienst, zoals de ondertitel luidt. En hoe moet het met de protestantse kerkdienst, als de deelnemers het laten afweten?

Kerkgangers maken deel uit van een performance
Het vernieuwende van het boek van Immink is onder meer dat hij de kerkdienst consequent doordenkt vanuit het perspectief van de deelnemer. In de uitvoering van de liturgie zijn kerkgangers geen toeschouwers, maar maken zij deel uit van een performance, een godsdienstige uitvoering. En deel van die uitvoering is het gebed om de werking van Gods Geest.

Maar als kerkbanken steeds leger raken, dan wordt het spannend om te schrijven over het heilige in de kerkdienst. Net zo spannend, trouwens, wanneer voor veel hedendaagse gelovigen het heilige zich buiten de kerk afspeelt. Want, zo betoogde dr. Miranda Klaver, de kerkdienst is een optie onder vele anderen en staat niet langer centraal in het godsdienstig leven van hedendaagse gelovigen. En zo speelde de middag zich af tussen het voor velen gebeurt het heilige helemaal niet (Barnard) en voor velen gebeurt het heilige elders (Klaver).

Protestants sacrament
Intussen poneerde prof. dr. G.G. de Kruijf in alle rust en stevigheid de stelling dat het protestantisme meer moet geloven in de eigen kracht van de prediking. Die is immers het protestantse sacrament. De preek is de toediening van een woord. Een gooi naar de ziel. Een woord in de mond gelegd als een ouwel. Moeten we dat niet opnieuw onder de aandacht brengen? De protestantse kerkdienst kan ondergaan in de religieuze beleving of in de rationele uiteenzetting. Dan verliezen we het Heilige. En je kunt de vraag stellen wat er eerst is: verlies van het Heilige of de lege kerkbanken? Als de kerkdienst de werkelijkheid van de Opgestane Heer niet meer noemt of uitzingt  in prediking, gebeden en liederen,  verdwijnt daarmee de reële aanwezigheid van de Heer niet naar de achtergrond?

Dat vraagt veel van een voorganger, zo constateert ds. Bert Schroten (Leerdam) vanuit de praktijk van de gemeente. Komt de last zo niet te veel op de ambachtelijkheid van de voorganger te liggen? Want voorgaan in de liturgie vraagt zorgvuldigheid, juist als het omringd wordt door de verwachting dat de Geest heil bewerkt in het gezamenlijk handelen van voorganger en gemeente. Schroten knoopt aan bij een lijn die ook in de reactie van Klaver naar voren komt: hedendaagse gelovigen, waaronder veel jongeren, ervaren het Heilige niet vanzelfsprekend in gewone kerkdiensten, maar op conferenties, praise & prayer-bijeenkomsten, grootschalige events, of huiskamerbijeenkomst in kleine kring.

Keuzes maken
Het boek van Immink voert binnen in de tradities van waaruit de protestantse kerkdienst zich heeft ontwikkeld in verschillende gestalten. De laatste loot aan die stam is blended worship, waarin oude en moderne vormen samenkomen. In de praktijk is dat echter niet eenvoudig, zo vertelde ds. Ronelle Sonnenberg (Doorn). Het vraagt van een predikant altijd weer afwegingen te maken. En juist in het maken van die keuzes. Bijvoorbeeld bij het kiezen van liederen voor de kerkdienst zijn het vooral religieuze ervaringen van gelovigen die we zingen of wordt ook iets van het heilshistorisch handelen van God bezongen?. Bij dat soort vragen is het boek van Immink een goede gids.

Blijven experimenten zich uiteindelijk niet verhouden tot wat christenen al eeuwen doen?
Harde noten werden er ook gekraakt over het missionaire werk van de kerk. Barnard vroeg zich af of er met al die inspanningen wel mensen bij komen. Moeten we inderdaad niet terug naar de kern, naar de kerkdienst zoals De Kruijf betoogde? En ondanks de waarschuwing van Klaver dat de traditionele kerkdienst misschien wel passie is en nieuwe experimenten van kerk-zijn veel meer op de voorgrond zullen treden, is de vraag op zijn plek of al die nieuwe experimenten zich toch uiteindelijk niet zullen blijven verhouden tot wat christenen al sinds eeuwen doen: samenkomen om het Woord te horen, het loflied gaande te houden, voor de wereld te bidden en de dood van Christus te gedenken. Protestanten verwachten het dan van de aanroeping van de Geest; dat er dan toch iets van het Heilige gebeurt.

Hoe gewoon de wekelijkse kerkdienst ook is, hoe weinig inspirerend soms en op het oog veel van hetzelfde, er gebeurt wel iets. Toch wel. Nog steeds. Soms kan het goed zijn weer eens terug te gaan naar de basis. Wat doen we in de kerk? Waarom preken we? Waarom vieren we de Maaltijd van de Heer zoals we die vieren? Of noemen het toch Avondmaal? Is de kerkdienst dan zomaar een activiteit van mensen, of valt er iets te verwachten? Wie deze vragen wil overwegen, kan goed terecht in het boek van Immink. Ook als je een boeiende theologische middag moest missen.

Dr. Theo Pleizier is predikant van de hervormde gemeente Langerak en als praktisch theoloog werkzaam aan de Protestantse Theologische Universiteit.Dit artikel is met toestemming overgenomen uit tijdschrift Woord & Dienst, editie november 2011. Om dit nummer te bestellen, klik hier.