MaatschappijPastoraat

Doodgaan moet je niet makkelijk maken

Het doodshemd heeft geen zakken - Dr. Annemarieke van der WoudeHet is niet goed om een zelfmoordpil vrij te geven. Mensen hebben namelijk meer veerkracht dan ze zelf vaak denken.

Ik ben onder de indruk van het vraaggesprek dat journalist Jeroen den Blijker heeft gehouden met de heer Jiskoot (Trouw, 24 december ). In februari vertelde Pieter Jiskoot dat hij zijn maatregelen had getroffen om te kunnen sterven. Eerst nog een boottocht, en dan was het zover. Uit het interview dat afgelopen week in de krant stond, komt een heel ander beeld van de man naar voren.

De gedrevenheid waarmee hij vertelt over zijn werk van vroeger, doet me denken aan de verhalen van mensen in het verpleeghuis waar ik werk.

Zo herinner ik me een bewoner (geboren in 1923), die is opgegroeid op een boerderij in de Achterhoek. Als kind werd hij er weleens bijgeroepen als een koe moest kalven. Zijn smalle kinderarm kon bij de koe naar binnen; de volwassen arm van de boer kon dat niet. Door de beeldende manier waarop hij sprak, zag ik de bevalling voor me. Meneer wekte een wereld tot leven die aan het verdwijnen is. Het is orale geschiedenis. Voor het levensverhaal van meneer Jiskoot geldt hetzelfde.

Zijn eigen situatie beschouwt Jiskoot als een argument vóór de pil van Drion. Ik redeneer in precies tegenovergestelde richting: het is een argument tegen.

Meneer beschrijft dat de medicijnmethode niet te doen is in je eentje. Het valt niet mee de wilskracht op te brengen om zelf een grote hoeveelheid pillen te slikken in de hoop dat dit de dood tot gevolg heeft. Drions pil zou het eenvoudiger maken. Maar de drempel van de toegang tot de dood slechten door een pil vrij te geven, vind ik geen verstandig plan. Het moet niet gemakkelijk zijn om dood te gaan.

De dood in de aanbieding doen, dat is een miskenning van het onherroepelijke karakter ervan. Je kunt geen spijt krijgen en op je schreden terugkeren.

Daarom ben ik ook niet enthousiast over de levenseindekliniek, al gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat er juridisch niets valt aan te merken op het initiatief.

Meneer Jiskoot vergelijkt zichzelf met de bultrug die een spuitje heeft gekregen, maar die vergelijking gaat niet op. Dat dier was ten dode opgeschreven; meneer Jiskoot is dat niet. Mensen die wel terminaal ziek zijn, kunnen in Nederland hun dokter verzoeken hun levenseinde te bespoedigen. Voor hen hoeft geen aparte oplossing te worden bedacht.

Jiskoots verhaal verschaft mij ook een reden om kritisch te staan tegenover het burgerinitiatief Uit Vrije Wil – straffeloze stervenshulp voor gezonde 70-plussers.

Hij beschrijft hoe kleurloos zijn leven geworden was na de dood van zijn vrouw en van zijn dochter. Hij was in rouw gedompeld. Hij vond er in die periode niets meer aan.

Maar de tijden zijn veranderd. Hij is verhuisd en woont nu op Tholen. Hij zoekt contact in zijn nieuwe woonomgeving, hij laat zich informeren over de plaatselijke politiek. Meneer Jiskoot heeft kans gezien weer zin te ontlenen aan de dingen die hij doet.

En dat is natuurlijk het meest krachtige signaal dat hij heeft gegeven. Een man van begin negentig die een opeenstapeling van verlieservaringen te verstouwen heeft gekregen, blijkt een veerkracht te bezitten waardoor hij nu weer plezier heeft in zijn bestaan. Dat is pas wat je noemt ‘levenskunst’. Zulke mensen heeft onze samenleving nodig.

Dus in plaats van een route uit te stippelen waarmee de dood binnen handbereik komt, zouden we een stoel moeten pakken en meneer Jiskoot uitnodigen om plaats te nemen. En hem de vraag stellen: “Meneer Jiskoot, hoe doe je dat: leven?” Die mooie lezing, die hij veel liever heeft dan een bingoavond, kan meneer dan zelf verzorgen.

Annemarieke van der Woude is onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen en geestelijk verzorger in een verpleeghuis. Zij publiceerde eerder bij Uitgeverij Meinema het boek Het doodshemd heeft geen zakken. Nadenken over het levenseinde.

Dit ingezonden artikel is eerder gepubliceerd in dagblad Trouw. Het is ook te lezen op de website van deze krant. Op het artikel volgde een groot aantal reacties die u hier kunt lezen.