GeloofReligieTheologie

Discipelschap – open deur of gevaarlijke hype?

In het nieuwste nummer van Woord & Dienst, opiniërend magazine voor protestants Nederland, verscheen onderstaand artikel van Arjan Markus over discipelschap.

 

Discipelschap – open deur of gevaarlijke hype?

 

Vandaag de dag hoor je steeds meer over ‘discipelschap’, zo lijkt het. In de evangelische wereld is het al jaren een belangrijk thema, maar nu begint het op allerlei andere plekken rond te zingen, ook in de Protestantse Kerk. Vorig jaar verscheen er een boek van Sake Stoppels over en bij de IZB (missionaire organisatie binnen de PKN) wordt het een centraal aandachtspunt in beleid en uitvoering.

Het is al weer een aantal jaren geleden dat we met een groep kerkenraadsleden in Londen waren. We bezochten een aantal gemeenten en kerkdiensten en een kerkelijke organisatie. Het viel ons op dat op veel plekken werd nagedacht over ‘christen zijn in het alledaagse leven’ en geïnvesteerd werd in ‘navolging van Jezus’. Discipelschap was een sterk aanwezig thema, wat we inspirerend vonden.

Foute boel!
Thuisgekomen vertelden de kerkenraadsleden enthousiast over onze ontdekking van discipelschap. Ze kwamen met plannen om in de gemeente met dit thema aan de slag te gaan: investeren in elkaar, praten over geloven en Jezus volgen, elkaar toerusten om discipel te zijn in het leven van elke dag.
De thuisblijvers reageerden nogal verschillend. Sommigen werden ook enthousiast, maar bij anderen was er verbazing. ‘Discipelschap? Jezus volgen? Wat is daar nu zo nieuw aan, dat is toch een open deur?’ Er waren ook thuisblijvers die allergisch reageerden. ‘Discipelschap? Betekent dat dat je super-gelovig moet worden? Moet je dan activistisch aan de slag gaan? Foute boel!’
De reacties op de huidige aandacht voor discipelschap lijken op die van de thuisblijvers. Sommigen zien het vernieuwende van discipelschap totaal niet, anderen krijgen er de kriebels van.

Manier van leven
Wat te doen met discipelschap? Het lastige van de term discipelschap is dat mensen daar soms heel verschillende dingen mee bedoelen. Ik versta er het volgende onder:

Discipelschap is: je leven lang, samen met anderen, leerling en volgeling zijn van Jezus door met vallen en opstaan in je dagelijks leven, geïnspireerd en gemotiveerd door de Geest, de waarden te leven van Gods Koninkrijk dat met Jezus aan het licht is gekomen.

Dat is geen uitputtende definitie van discipelschap, maar het geeft wel weer wat belangrijke kenmerken zijn naar mijn opvatting. Om er enkele naar voren te halen:

Discipelschap is een manier van leven volgens de waarden die Jezus heeft verkondigd en heeft laten zien door zijn leven, sterven en opstaan.
Discipelschap is een levenslang leerproces, een levenswijze met vallen en opstaan. Het is nooit klaar.
Discipelschap is geen manier van leven die je aangeboren is, maar die je alleen kunt beoefenen in de kracht van de Geest. Want leven in het spoor van Jezus is vertrouwen op God, en het belang van anderen boven dat van jezelf stellen. Dat gaat vaak in tegen jezelf. Daarom had Jezus het al over ‘kruisdragen en jezelf verloochenen’.
Discipelschap is iets van de gemeenschap. Alleen samen met anderen lukt het je om te blijven geloven en te blijven gaan in het spoor van Jezus.

Nu is een voor de hand liggende reactie: wat is daar nu zo nieuw aan? In feite is het ook helemaal niet nieuw. De weg die Jezus is gegaan, is de meest volledige versie van de manier van leven die al in het eerste deel van de Bijbel wordt aangeprezen. Dat is: leven in vertrouwen op God, en zijn aanwijzingen serieus nemen om je leven aan hem toe te wijden en het goede te zoeken voor de ander. In die zin is Jezus navolgen dus een manier van leven die je in de hele Bijbel terug kunt vinden.

In deze tijd
Toch denk ik dat er twee redenen zijn waarom juist in onze tijd discipelschap een belangrijk item is voor gemeenten en kerkmensen.
In de eerste plaats, omdat we leven in een samenleving waaruit God verdwenen is. Het leven is geseculariseerd en zelf zijn we dat ook voor een groot deel. Voor je het weet, is God ook uit je eigen leven verdwenen. Voor je het weet is God geen factor van betekenis meer bij het nemen van beslissingen of het duiden van gebeurtenissen, bij het invullen van je leven. Je leeft heel makkelijk helemaal zonder God. Het kan gelovige mensen helpen om het dagelijks leven met God te verbinden, wanneer de gemeente gaat investeren in discipelschap. Ik denk dan aan: met elkaar in gesprek gaan over hoe je in het dagelijks leven volgeling van Jezus bent. Aan investeren in het besef dat je leeft voor Gods aangezicht, door er met elkaar bij stil te staan dat Jezus Heer is van deze wereld en ook van ons leven. Dat is geen vanzelfsprekend perspectief, want de wereld heeft vaak trekken die je doen denken dat Jezus niet Heer is of dat er helemaal geen Heer is.

In de tweede plaats is investeren in discipel-zijn van belang omdat het in onze tijd misschien wel de meest aansprekende vorm van getuigen is. Als je de waarden van Gods Koninkrijk handen en voeten geeft in je doen en laten, is dat een sprekende manier om te laten zien dat het verhaal van Jezus waardevol en waar is. Daar heeft het Bijbelboek 1 Petrus veel over te zeggen: doe het goede en leg verantwoording af als mensen je vragen naar de reden van je hoopvolle manier van leven. Met woorden kun je je doen en laten toelichten.

Valkuilen
Dat het begrip discipelschap soms allergie oproept, hangt denk ik samen met een aantal valkuilen van discipelschap.
Triomfantalisme is de eerste. Discipelschap wordt dan geschetst op een triomfantelijke manier, waarbij volgelingen succesvolle gelovigen zijn en geloven een succesverhaal is. Maar bij navolgen horen juist termen als ‘kruisdragen’ en ‘zelfverloochening’. Er gaat geregeld van alles mis. Jezus is in het Nieuwe Testament ook niet voor niets degene die mensen redding biedt uit van alles en nog wat. Volgelingen blijven die redding nodig houden.
Moralisme is de tweede valkuil. Er kan een tweedeling groeien tussen gelovigen: er zijn dan echte volgelingen en tweederangsgelovigen die zich niet zo serieus bezighouden met het navolgen. Er wordt dan verwacht dat iedereen zich conformeert aan de moraal van de volgelingen die geslaagd zijn, en er is weinig ruimte meer voor verschillende (ethische) opvattingen. Terwijl elke volgeling van Jezus juist weet zou moeten hebben van zijn eigen zwakheden en dus niet mag neerkijken op anderen. Daarnaast komen mensen die Jezus volgen in het leven van alledag niet altijd tot dezelfde (ethische) beslissingen. Zoek de eenheid in de Heer die je volgt, blijf in gesprek met elkaar, maar laat elkaar ook ruimte.
Activisme is de derde valkuil. Het uitleven van de waarden van het Koninkrijk kan uitgroeien tot het gevoel dat we het Koninkrijk van God zelf moeten stichten door onze activiteiten en onze inzet. In dat geval moeten we steeds meer en steeds beter van alles en nog wat doen. Het lijkt echter realistischer om te erkennen dat er tékenen zijn van het Koninkrijk – ook door mensen neergezet – maar dat het Koninkrijk niet gerealiseerd is en ook niet door ons gerealiseerd zal worden. Dat laatste besef maakt van discipelschap een ontspannen zaak. Als mens leef je als volgeling van Jezus en als burger van het Koninkrijk, maar gelukkig is en blijft het Gods Koninkrijk.

Samen met Wim Dekker en Bert de Leede schreef W&D-redactielid Arjan Markus onlangs over dit onderwerp: Tijd om mee te gaan. Over discipelschap vandaag. Boekencentrum: Zoetermeer 2014.

 

Opmaak 1