Kerkelijk jaar

Naar Pinksteren: dag 4

De Geest zelf pleit voor ons Romeinen 8:26

Bidden. Dat is moeilijk. Soms onmogelijk. Soms weetje echt niet wat je bidden moet. Soms ben je te moe om te bidden. Soms ben je te verdrietig om te bidden.Soms ben je te ongelovig om te bidden. Soms bid je wel, maar is het maar goed dat niemand je gebeden kan horen. Wat een gestamel, wat een gestotter, wat een gezoek naar goede gedachten en passende woorden! Ach, dat bidden van ons, menigmaal stelt het weinig of niets voor. Wees gerust: de Geest zelf bidt voor ons,met onuitsprekelijke verzuchtingen. De Geest neemt het van je over, de Geest waait als de wind onze verlangens naar God over. Woordeloos brengt de Geest onze verzuchtingen, ons gepeins en getob, tot voor Gods aangezicht. Als een advocaat pleit de Geest, ons ten goede. Laat Hem maar bidden, laat Hem maar smeken en pleiten, Hij kan het eindeloos veel beter dan wij met elkaar. De Geest, die pleit voor ons. Bidden is moeilijk. Maar God dank – er is er Eén die bidt voor ons!

Vader, hoor dan naar het gebed van de Geest. Hij zegt
wat wij niet zeggen kunnen. Voor Hem danken wij U
van harte!

Lezing: Romeinen 8:22-30

Bron: André F. Troost, Aan stille wateren (paperback of e-book)