Kerkelijk jaar

Naar Pinksteren: dag 3

De gezindheid van de Geest is leven en vrede Romeinen 8:6

In dit bijbelgedeelte maakt Paulus onderscheid tussen het vlees en de Geest. Met ‘het vlees’ bedoelt hij niet zozeer het lichamelijke, maar heel het menselijke leven dat zich door God niet leiden laat. ‘Vleselijk’ is dus zo-iets als ‘goddeloos’ – en dat kan net zo goed van je manier van denken worden gezegd als van de wijze waarop je met je lichaam omgaat. Welnu, Paulus beweert dat de gezindheid van het vlees de dood is. Met andere woorden: een leven zonder God, een bestaan dat met God geen rekening houdt, loopt uit op de dood. Wie goddeloos leeft, gaat op een doodlopende weg. Maarde gezindheid van de Geest is leven en vrede. Wie in zijn doen en laten wandelt met God, die vindt altijd een weg die hoger en verder leidt. Wie niet vleselijk maar geestelijk denkt, wordt niet telkens weer verstoord door innerlijke onrust en een gevoel van opgejaagdheid, maar ervaart een wonderlijke vrede die het verstand te boven gaat.

Trouwe God, leven en vrede, daar verlangen wij naar.
Laat uw Geest onze harten zo vervullen, dat ons
bestaan vol is van uw majesteit.

Lezing: Romeinen 8:5-11

Bron: André F. Troost, Aan stille wateren (paperback  of e-book)

1 reactie

  1. 3 mei 2012 om 09:49

    Als ik geestelijk denk, kom ik anders uit met de zin”Laat uw Geest onze harten zo vervullen, dat ons bestaan vol is van uw majesteit”. Deze zin laat het aan God over of Hij het wel of niet wil geven. God heeft beloofd dat Hij geeft als wij Hem bidden in vast vertrouwen, alles wat nodig is voor ons geloof. Wij zelf bepalen in hoeverre we God toe laten in ons leven. God wil niets liever dan ons vullen, als we er maar in vertrouwen om vragen.
    Voor mij zou de zin dus luiden: Heer vul mijn hart met uw Geest, zodat mijn bestaan vol is van uw majesteit. Als we “laat U” bidden en we ontvangen niet, zouden we de schuld bij God kunnen leggen. Terwijl wij verzuimen in vertrouwen te bidden.