Category Archives: Religie

Raam op het Zuiden – door Agnes Grond

Layout 2Begin deze maand verscheen het boek Raam op het Zuiden. Religie en spiritualiteit van het alledaagse van Maaike de Haardt. Tijdens de presentatie sprak Agnes Grond de onderstaande recensie uit. We danken haar voor de mogelijkheid deze tekst hier te plaatsen.

‘Soms komt het me vreemd voor: van achter je computer pleiten voor meer aandacht voor de kennis, wijsheid, spiritualiteit en theologie van het alledaagse, voor het belichaamde zintuiglijke alledaagse.’ Deze eigen kanttekening heeft theologe Maaike de Haardt gelukkig niet weerhouden om Raam op het Zuiden. Religie en spiritualiteit van het alledaagse te schrijven. Hierin wil zij vooral kijken, tasten, proeven en luisteren naar wat zich aan religiositeit en spiritualiteit in het leven van elke dag aandient.
Religie noemt zij het vermogen je te laten raken door het onvoorziene en onvermoede, en dat wat vanzelfsprekendheden doorbreekt. Allemaal ruimschoots te vinden in het gewone leven, mits je je openstelt en verwondert. Want verwondering, waardoor je iets ziet wat je eerder niet zag en het gewone buitengewoon kan worden, is de basis van iedere vorm van religie. Dan immers kun je goddelijke aanwezigheid ervaren. Op hele gewone plaatsen. De Haardt koos dan ook haar huis als kader voor haar zoektocht.
De huiskamer en de keuken zijn bij uitstek plaatsen van het alledaagse, van rommel, ontmoeting en routine. Banaal en bijzonder, waar gesprekken worden gevoerd, en, soms zomaar gemeenschap kan ontstaan. Genadevolle momenten, noemt De Haardt die, waarin mensen opbloeien en vollediger mens worden. Waar goddelijke aanwezigheid zichtbaar en voelbaar kan worden.
Zoals ook in ‘tender competence’, het kunstenaarschap van vrouwen die de tuin bewerken, die dichten, zingen, weven of pottenbakken; die daaruit kracht halen, hun liefde voor schoonheid vorm geven en ook de kwetsbaarheid van het leven ervaren. Vaardigheden die concrete zorg en aandacht vragen. En juist daarin schuilt een kracht die in onze op beheersing gerichte samenleving soms weerstand oproept. Ook die kracht benoemt De Haardt als goddelijke aanwezigheid.
Continue reading

Het ideaal van de zendingsopleiding – door prof. dr. Mechteld Jansen

Protestantse zendingsopleiding in Nederland (1797-2010) - Gerrit Noort (onder redactie van)Op vrijdag 14 december vond de presentatie plaats van het boek Protestantse zendingsopleiding in Nederland 1797-2010, de eerste uitgebreide studie naar zendingsopleiding in Protestants Nederland in de 19e en 20e eeuw. Prof. dr. Mechteld Jansen, hoogleraar missiologie aan de PThU en bijzonder hoogleraar namens de Stichting de Zending van de Protestantse Kerk, hield een lezing waarvan we de tekst hieronder publiceren. We danken haar hartelijk voor de toestemming om haar lezing te publiceren.

Zending heeft weer helemaal de wind mee, zo kunnen we constateren als we de hoos aan lezingen, literatuur en initiatieven in Nederland (maar ook in Duitsland en Engeland) in ogenschouw nemen. Iedere kerk, gemeente of gemeenschap van christenen lijkt zich te storten op vragen van missionair gemeente-zijn, kerk-naar-buiten en gastvrijheid. Er is veel vraag naar missiologische literatuur en toerusting voor de kerk van het “westen”, waar het gesprek met de cultuur van de secularisatie en het secularisme om aandacht en nieuwe inzet vraagt. Bij die aandacht en die nieuwe inzet kan het geen kwaad ook eens achterom te kijken naar wat in Nederland sinds het einde van de 18de eeuw geboden is aan zendingsscholing. Niet om bepaalde modellen of  ideeën, die bedoeld waren voor zendelingen die zich voorbereidden op werk in het buitenland, nu zomaar over te nemen voor de huidige vraag naar missionaire mogelijkheden in het binnenland. Wel om te zien dat de vragen van missie en missionaire opleiding door de jaren heen naast alle verschuivingen ook een zekere constante vertonen. Een zendeling – of zoals die in het begin ook wel werd genoemd:  een ‘kwekeling’ – diende een zuivere evangelieleer te verkondigen, over goede kennis van talen, volkeren en godsdiensten te beschikken en vaardigheden op het gebied van bijvoorbeeld chirurgie of werktuigkunde op te doen. Toegegeven, deze formulering uit 1822 doet wat ouderwets aan. Maar is het inhoudelijk zo heel ver verwijderd van wat we in onze tijd  zouden willen leren, als we voor het eerst op missie naar het buitenland gaan? Je zou van harte wénsen dat alle mensen,  of die nu vanuit de kerk of vanuit de overheid of het bedrijfsleven op pad worden gestuurd in een wereld die veel makkelijker bereisbaar is geworden, nu ook allemaal die zaken op hun voorbereidend lesrooster zouden hebben staan. En deze constante in basispakketten van wat iemand, die gaat werken in een andere cultuur en met mensen van een andere levensovertuiging, zou moeten leren, kan nog aangevuld worden met vragen die door het hele boek heen gesteld worden. Moeten mensen, die “in de zending” gaan werken, eerst als een groep bij elkaar wonen en zo wat losgeweekt worden van hun vertrouwde omgeving? Moeten zij niet reeds in hun opleiding geconfronteerd worden met mensen van heel andere slag en snit? Maar als dat een constante is geweest, is dat dan nog wel van deze tijd, waarin mensen veel meer dan een eeuw geleden op school, op straat en op het werk met pluraliteit geconfronteerd worden? Dat hoeven we toch niet meer in een zendingsopleiding te leren? Ja welzeker, want de confrontatie met pluraliteit garandeert nog geen goede omgang met de pluraliteit. Continue reading

Christelijke dogmatiek: van heiliging naar transformatie – door Jos Douma

Brink KooiAfgelopen vrijdag publiceerde Jos Douma op zijn weblog een bijdrage over het nieuwe boek Christelijke dogmatiek van dr. G. van den Brink en dr. C. van der Kooi. Met dank aan Jos geven we deze blog ook op Theoblogie aandacht.

‘Vandaag pakt het Nederlands Dagblad enthousiast uit met brede aandacht voor de nieuwe Christelijke Dogmatiek waarmee Gijsbert van den Brink en Kees van der Kooi de Nederlandse kerk (en samenleving) verrijken. Ik heb nog geen blik in het boek zelf kunnen slaan, maar heb wel met gepaste aandacht de verschillende bijdragen in de krant gelezen waarin de hoofdstukken van dit nieuwe handboek worden besproken door een aantal theologen.

Speciaal werd mijn aandacht getrokken door de bijdrage van Arnold Huijgen, over de hoofdstukken 15 en 16 (‘vernieuwing van de mens en van de wereld’), met daarboven de kop: ‘Geen heiliging maar transformatie’. Daarin lees ik dat Van den Brink en Van der Kooi kiezen voor het begrip transformatie als betere term dan heiliging omdat die term een negatieve klank heeft én (lees ik in een tweet van Huijgen) omdat het begrip transformatie beter aansluit bij de buitenwacht.’

Lees de volledige bijdrage van Jos Douma hier.

N.a.v. Dr. G. van den Brink en dr. C. van der Kooi, Christelijke dogmatiek. Een inleiding.

Voor een interview met de auteurs, klik hier.

Moet de hele wereld Kerk worden? Of moet de Kerk Christus IN de wereld representeren? – door Henk Medema

Je hebt boeken, en boeken, en ook BOEKEN (met hoofdletters). Bij de laatste categorie reken ik Lichaam en Geest van Christus, het nieuwste volume van prof. dr. Bram van de Beek. Volumineus is het zeker, bijna zeshonderd bladzijden. Prachtig is het ook, niet alleen qua uitvoering maar ook daarin dat de scherpzinnigheid en eruditie van de schrijver het tot een genot maakt om het te lezen. Dan moet je daarbij ook nog bedenken dat het boek niet ‘los’ te lezen is, maar als een onderdeel van zijn project ‘Spreken over God’, waarin tot dusver zijn verschenen Jezus Kurios, De Kring om de Messias, God doet recht, en dan het meest recent ‘Lichaam en Geest van Christus’.
Een blog is niet een gedetailleerde recensie, dat is althans hier niet mijn bedoeling. Wat mij al een aantal jaren fascineert is de visie die Van de Beek naar buiten brengt ten aanzien van de presentie van de Kerk in de wereld. Misschien is het een bepaald cultuurpessimisme dat me boeit en toch weer teleurstelt. Of een vaak briljante verwoording van een piëtisme dat nu eens in goed doordachte denklijnen wordt geformuleerd. Maar vooral intrigeert me de vraag waar de wortels van zijn theologie zitten – met name ook als je zijn denken probeert te vergelijken met zijn Britse generatiegenoot N.T. Wright.

Zo diep wil ik ooit nog wel gaan, denk ik bij het lezen van dit boek, maar aan de doorgronding ben ik nog niet toe. Er staan ook allerlei gedeelten in waarbij ik een bijna (!) onbedwingbare jeuk krijg: waar het over het ambt gaat, bijvoorbeeld (198vv, vaak was ik het daarmee zeer oneens!), of over Het Symbool (338vv, daarmee had ik juist veel instemming), de uitdrukking die Van de Beek gebruikt voor de volle breedte van het Credo. Nu even over de kern, en als ik het goed zie, zit die hier.
De Kerk is het Lichaam van Christus, en de woonplaats van God in de Geest.
Wat het Lichaam van Christus betreft, dat ziet Van de Beek zó: ‘Jezus Christus en zijn macht, […] het bestaan onder het kruis, dat de gestalte van zijn koningschap in deze wereld is en […] zijn macht die alle machten te boven gaat’(129). En de kerk zoals die hier nu op aarde is, verschijnt aan de wereld als de Man van Golgotha, in Wie alleen de overwinning ligt: ‘Alleen is de kerk op aarde de heerschappij van God in de gestalte van het kruis. Alles moet dus kerk worden’ (141). ‘De Gekruisigde heerst vanaf het hout […] Heel de wereld moet kerk worden’ (143). En ‘de kerk is de zichtbare gestalte van het Koninkrijk in de wereld’ (144).

Wat de Geest van God betreft: Hij is de in de Kerk inwonende God. En dat is, beklemtoont Van de Beek, een heel verschil met de incarnatie, de vleeswording van God in Jezus. Bij de Geest gaat het om ‘inhabitatie’ (410). Wat is het verschil? ‘Bij de inwoning blijft de persoon van de mens als schepsel onverlet. De Geest woont bij de mens in. Hij is een ander dan ik ben’ (411). Daarom is de Kerk nooit ten volle een overwinnende Kerk, maar steeds gebroken en brekend. ‘‘De Volmaakte woont bij de onvolmaakten (…) De Geest neemt ons leven en keert het om. Mensen zijn echter koppig en draaien voortdurende weer terug’ (412). ‘De incarnatie is eenmalig, de inhabitatie is veelvoudig’ (417). De onmogelijkheid dat christenen, verenigd in het Lichaam van Christus en ingewoond door de Geest, ooit enige vorm van overwinning in deze wereld kunnen neerzetten, wordt ondersteund door Romeinen 7, de beroemde komma van Kohlbrugge (464). Wij moeten dus, zegt Van de Beek (volgende de woorden van Willem Maarten Dekker) ‘serieus […] nemen dat de kerk geen plaats meer heeft in het publieke domein’ (490).
Dat is nogal wat. Het betekent dat het Lichaam van Christus Hem niet in de wereld kan representeren, en dat de Geest van Christus Hem niet in ons vermag te laten zien, geen leesbare brieven van Hem kan schrijven, zoals 2 Korinthiërs 3 het zegt. Wat bijna neer komt op een défaitisme voor de Kerk: hou er maar mee op, het wordt toch niets! In de inmiddels befaamd geworden woorden van Wim Dekker: laten we de Kerk maar begraven, zij moet niet de pretentie voeren van missionair te zijn, laat ze maar in alle ootmoed in de marge van deze wereld blijven.
Ik weet dat Van de Beek hierover uitvoeriger, diepgaander (en ook wel wat genuanceerder) heeft geschreven in ‘Religion without ulterior motive’ (in E.A.J.G. Van der Borght, SRT 13), Leiden 2006), ik heb het gelezen. Maar deze kruistheologie is dermate radicaal, dat ik er bijna niet meer de kracht van Christus’ opstanding bij kan terugvinden, noch de levenswerking van de Heilige Geest. Of vergis ik me nu?

Deze bijdrage is met toestemming overgenomen van de weblog van Henk Medema.

Door een vreemde stem gestoord… – door dr. Peter Verbaan

Peter VerbaanUit het leven gegrepen: iedereen herkent de stem van het geweten in allerlei dilemma’s. Niemand die zich erop voorstaat geen geweten te hebben, toch? Maar het lastige is: waar de een zijn leven geeft voor zijn geweten, haalt de ander zijn schouders erover op.

‘Bij de deur van Albert Heijn stond hij weer. Die opdringerige man met die straatkranten. Of ik er eentje wilde kopen. Soms doe ik dat wel, maar je hebt niets aan zo’n blad. Nu ja, je doet het om zo iemand te helpen. Ik had vandaag geen zin om er een te kopen. Maar het voelt niet goed. Zelf vind ik dat het niet elke keer hoeft. Maar iets in mij is het daar niet mee eens… ‘ (Carolien, 21 jaar, student)

Raadselachtig fenomeen
Het geweten intrigeert; omdat het om een eeuwenoud, oermenselijk fenomeen gaat. En het irriteert; niet allereerst omdat het zo lastig tot zwijgen te brengen is, maar omdat iedereen er zo anders tegenaan kijkt en ieder gesprek erover lijkt te verzanden. De woorden van Augustinus (over de tijd) zijn ook hier van toepassing: ‘Zolang niemand ernaar vraagt, weet ik wat het is. Wil ik het iemand uitleggen, dan weet ik het niet meer…’ Continue reading

Geloofwaardigheid en eenheid binnen joods Nederland – door rabbijn Lody B. van de Kamp (BEd.)

Bijna vergane teksten op de eeuwenoude grafstenen toonden de tand des tijds op de oude Joodse begraafplaats. Omgevallen bomen, verwilderde struiken en grijze stenen brokstukken vertelden over het rijke verleden van deze dodenakker, recht tegenover het statige Vredespaleis in de Haagse residentie.

Het moment was gekomen om de aanslag die de loop van de geschiedenis op dit unieke plekje aan de rand van de Scheveningse duinen pleegde een halt toe te roepen. Er moest gerestaureerd worden.

Zo werd een comité voor dit project gevormd waarvan ook de Haagse Orthodox Joodse Gemeente als eigenaar van de begraafplaats onderdeel  uitmaakte.

De Haags Liberaal Joodse Gemeente had zich jaren daarvoor al afgezonderd van de gevestigde Joodse gemeenschap. Niet alleen voor de levenden maar ook voor haar doden. In het nabijgelegen Rijswijk had zij een eigen dodenakker ingericht.

Toen dan ook een van de vooraanstaande liberale voormannen zich aanmeldde om binnen het zo juist opgerichte comité van Haagse notabelen een plekje op te eisen viel zijn verzoek op dovemans oren. Continue reading

Interview met Ferdinand Borger over zijn ‘hemelse oorden’

Soms kan een mens er intens naar verlangen: een oase van rust en eenvoud in deze hectische wereld. Een spirituele oplaadplek waar men zich tijdelijk kan terugtrekken, om opnieuw in contact te komen met de stilte, de natuur, de ander, God.

Ferdinand Borger reist in zijn nieuwe boek langs tien van zulke ‘hemelse oorden’. Hij bezoekt onder meer het eiland Iona, de oude kloosters van Leyre en Conques, en nieuwe retraiteplekken in binnen- en buitenland. Soms blijft hij waarnemer; soms wordt hij deelnemer. Hij raakt in gesprek met zijn gastheer of -vrouw en met toevallige passanten. Waar halen deze mensen hun inspiratie vandaan? Is er in deze oorden daadwerkelijk nieuwe bezieling te vinden? Meeslepend en eerlijk verhaalt de auteur over zijn ervaringen en ontmoetingen, en laat de u zo kennismaken met tien bijzondere spirituele pleisterplaatsen.

Bekijk het video-interview met auteur Ferdinand Borger.

Gewone heiligen, moedige bisschop, vrouwelijke Jezus en katholieke doopjurkjes

Vorige week werd het boek Heilig. Gewoon nu gespresenteerd. Het boek verzamelt schitterende fotocollages en biografietjes van moderne heiligen als Moeder Theresa en Nelson Mandela en vertelt hoe ‘gewone’ mensen zich door hen geïnspireerd weten. PLUS 10 tips hoe je zelf heilig kan worden. Beluister de uitzending van Kruispunt Radio, klik op de video hieronder.

Ook journalisten hebben een mores…. – door rabbijn Lody B. van de Kamp

Een artikel schrijven over de chassidisch Joodse gemeenschap in de Antwerpse diamantbuurt valt voor ´buitenstaanders´niet mee. Die gemeenschap kiest er voor haar eigen leven te leiden, gebaseerd op een eigen religieuze standaard. Daarbij hoort een naar binnen gerichte levenshouding met eigen gebruiken, een eigen taal, eigen kleedgewoonten, eigen scholen, alles binnen een eigen sociale leefomgeving. Is het verstandig om in deze eenentwintigste eeuw het leven zo in te richten? Is het maatschappelijk verantwoord? Is het te tolereren dat ook de kinderen van deze bevolkingsgroep op dezelfde wijze hun leven zo te gaan ervaren? Moet de overheid niet ingrijpen om deze ´ultra´-orthodoxe levensstijl om te helpen buigen meer in de richting van hedendaagse ´waarden´?
Voor een buitenstaander is het moeilijk om op deze vragen antwoorden te kunnen geven. De outsider kan pas een visie hebben op deze religieuze groepering wanneer hij of zij binnen weet te dringen in het dagelijks leven van dit stukje Joods Antwerpen om te weten wat deze devote mensen werkelijk bezielt. Alleen van binnenuit leert de buitenstaander het gedachtegoed een beetje kennen. Alleen door een intensieve kennismaking leert de niet-Joodse belangstellende iets over die bijzondere waarden en levensvisie die deze gemeenschap naar binnen uitdraagt. Kritische vragen verdwijnen, zinloze opmerkingen verliezen hun essentie omdat alleen van binnenuit de schat aan wijsheid en religieuze integriteit aantoonbaar wordt.

Christelijke kernwaarden tegen de achtergrond van de islam

Christenen moeten met moslims in gesprek. Daar vragen moslims om. Dat willen christenen ook. Maar wat zeggen christenen als moslims hen vragen stellen?

Gert-Jan Segers (directeur wetenschappelijk instituut van de ChristenUnie) en ds. Marten de Vries komen deze week met hun nieuwe boek ‘Wat christenen geloven & moslims niet begrijpen’. Daarin op basis van hun jarenlange omgang met moslims een uitwerking van de kernwaarden van het christelijk geloof tegen de achtergrond van de islam.