KerkKerkgeschiedenis

Abraham Kuyper en de orthodoxen

Onlangs werd de bundel Belijdend onderweg. Confessionele Vereniging 1864-2014 gepresenteerd. Joke Roelevink sprak daar onderstaande bijdrage uit.

 

In honderdvijftig jaar verandert er veel. Het is een open deur, maar toch realiseren we het ons niet altijd ten volle. De Confessionele Vereniging heeft zich sinds 1864 verder ontwikkeld, het kerkelijke veld werd veel geschakeerder, Samen op Weg is afgesloten met de Protestantse Kerk in Nederland. Ook de toon van de onderlinge communicatie is veranderd, zodat we nu een aangename middag met elkaar hebben.
Vroeger lag dat wel anders. In het blad De Heraut vond ik een niet ondertekende brief uit Amsterdam van 10 maart 1893. De schrijver, ongetwijfeld Abraham Kuyper, trok van leer naar aanleiding van de bouw van de hervormde Muiderkerk in Amsterdam. Die was véél te groot. De kop was meteen al veelzeggend:

Ge bereikt uw doel niet.

De auteur gewaagde van de op zich te waarderen ijver, waarmee “dusgenaamde orthodoxen” allerlei hopeloze pogingen deden om “het massale lichaam der Ned. Herv. kerk tot de “orthodoxie” te bekeeren”. Een van zijn voorbeelden was de evangelisatie van de Confessionele Vereniging. Die mensen waren net als Sisyphus bezig een rotsblok tegen de berg op te duwen.
Voordat Kuyper op de situatie in Amsterdam in ging, gaf hij ook nog een voorafschaduwing van het thema van vanmiddag. “Reeds nu is die orthodoxie een allerzonderlingst allegaartje”, wist hij. Kuyper noemde onder andere de Neo-Kohlbrüggianen, Hoedemakers kuddeke, het groepje oude Confessioneelen genre Dr. Vos, de irenischen, verschillende soorten ethischen en de mystieken. Ik vrees dat onder die laatste benaming veel leden van de latere Gereformeerde Bond zijn schuilgegaan. Zoals vaker in dit soort opsommingen valt vooral het onderscheidingsvermogen van de theoloog te prijzen. Wat zou Abraham Kuyper heden ten dage zijn ogen uit kijken en wat zou hij verlegen zijn met zijn labeltjes.
Wilt u wel eens weten hoe het allemaal is gegaan, met name met het kuddeke van Hoedemaker en het groepje oude confessionelen rond dr. Vos, dan kunt u nu uw kans grijpen. De bundel Belijdend onderweg. Confessionele Vereniging 1864-2014 zal u over die geschiedenis nader inlichten. En wat meer is, er worden ook nieuwe mogelijkheden verkend om die weg de rots op verder te volgen, zo nodig met Sisyphussteen en al. Alleen zijn de betreffende auteurs gelukkig wel veel optimistischer in hun beschouwingen.
Maar ook hierover had Kuyper destijds nog wel wat op te merken: juist die rare mengelmoes van orthodoxen kon alleen maar “óf meer naar rechts of méer naar links … zwenken. Alle bruggetjes liggen gereed”. Hij wist ook wel hoe dat zo kwam. Het enige mogelijke fundament ontbrak, de belijdenis. U kunt aan de bundel en aan de loop van de kerkgeschiedenis in het algemeen toetsen of deze analyse nog overeind staat. Zo ja, dan is de titel Belijdend onderweg op zijn minst misleidend. Maar die smaad willen we graag dragen.