Veertigdagentijd

34e dag van de Veertigdagentijd, vandaag met Marije Vermaas

Stromen vanuit de tempel

In Johannes 7:38-39 staat: “Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij gelooft,” zo zegt de Schrift.’ Hiermee doelde hij op de Geest die zij die in hem geloofden zouden ontvangen; de Geest was er namelijk nog niet, want Jezus was nog niet tot Gods majesteit verheven.
Het woord rivier doet mij altijd denken aan hoofdstuk 47 uit het Bijbelboek Ezechiël. Wat een prachtig beeld wordt daar geschetst! Ezechiël heeft een visioen waarbij hij water uit de tempel ziet stromen. Hij wordt gevraagd om de diepte van het water te meten, en wat opvalt is dat hoe verder hij bij de tempel vandaan komt, hoe dieper het water is. Het water staat symbool voor de nabijheid van God, zoals ook in Psalm 1 de boom aan het water staat. Water dat leven geeft, dat voor vrucht zorgt, dat reinigt en zuivert. In Psalm 1 is Gods nabijheid vooral te ontdekken door het Woord en de Wet van God, in andere teksten is Gods nabijheid de aanwezigheid van zijn Geest. Zo ook hier, in Ezechiël 47.

Diepe stromen
Ik heb me vaak afgevraagd waarom er meer water buiten dan in de tempel is.  Je verwacht het toch eerder andersom: in de tempel is toch het meest van de Geest te vinden? De kerk is toch de plek waar God aanwezig is? Waar je naartoe gaat om je dorst te laten lessen?
De tempel is inderdaad het beginpunt, de bron. ‘In de kerk worden harten van mensen veranderd,’ zei mijn vader altijd. Het water stroomt vanuit de tempel. Maar daar stopt het niet. Nee, juist buiten de tempel wordt het water dieper. Buiten de tempel is nog veel meer te vinden van Gods geest.
Dit beeld laat volgens mij zien wat Gods geest in mensen, door mensen kan aanrichten. Mensen vervuld van de Geest in het dagelijks leven, buiten de tempel. Die in het geloven op maandag en alle andere dagen van de week, Levend Water zijn: ‘overal waar de rivier stroomt komt leven’(vers 47). Het is als een dijk die overstroomt, in een uiterwaarde terecht komt, en dan nog verder stroomt. Een stroom die alles op zijn pad aanraakt, beroert. Dat is hoe ik me vervuld met de Heilige Geest voorstel. Als we ons in ons dagelijks leven  steeds verbonden blijven aan God en onze dorst steeds weer laten lessen door Jezus, gaat het water dieper stromen.

Stromen van levend water
In ons dagelijks leven stroomt het water dieper. Daar wordt de boodschap verspreid van het evangelie. Daar worden goede daden gedaan. Een tempel is nodig, om je te laven aan de bron, je dorst te laten lessen, maar is bedoeld als beginpunt, als bron.
Zou het zo kunnen zijn dat niet alleen priesters, dominees, geleerden, maar dat een ieder van ons, in ons dagelijks leven, in ons doorsneewerk de Geest kunnen laten stromen? Dat wij allen als een Koningin Ester kunnen zijn, en ons kunnen afvragen: misschien heeft God mij wel op een plek als deze gebracht, om stromen van Levend Water te zijn om diegene met dorst te laten drinken? Om bomen tot hun potentie te laten komen, zodat zij vrucht dragen (vers 7)? Om leven te brengen (vers 10)?  Om te getuigen van zijn liefde? Om een bemoedigend woord te kunnen spreken? Om …
Waar in de wereld, buiten de tempel, zie jij het water stromen? En wat is daar jouw bijdrage aan?

 

Marije Vermaas schreef Beschuit zonder muisjes (2012) (www.beschuitzondermuisjes.nl) en is eindredacteur van de Essentialsserie voor vrouwen (www.essentialsvrouw.nl).