Monthly Archives: december 2011

2012, het jaar van de grote verandering? – door Koen Holtzapffel

2012. Voor veel mensen niet meer dan wéér een nieuw jaar, zij het onder een somber economisch gesternte. Voor heel veel andere mensen juist een heel bijzonder jaar, het jaar namelijk van de grote verandering. In 2012 gaan we over in een nieuwe dimensie van ons bestaan, meer fijnstoffelijk, met vrede voor iedereen en een totaal andere samenleving. Het klinkt natuurlijk allemaal prachtig, wie zou er tegen zijn. Maar of het ook echt gebeuren gaat? We zullen zien.

Zeker  is dat de gespannen verwachtingen omtrent 2012 dikwijls worden verbonden met wat de Midden-Amerikaanse Maya hierover hebben voorspeld. Hun Maya-kalender zou aangeven dat het einde van de wereld in 2012 daar is, om precies te zijn op 21 december 2012. Wie geïnteresseerd is in de vraag wat deze Maya-voorspelling wetenschappelijk waard is, moet het essay over de toekomst maar lezen dat ik recent schreef onder de titel Alleen de hond leeft in het hier en nu.  

Ter geruststelling, de (voorlopige)  conclusie van wetenschappers luidt: de datum van 21 december 2012 heeft niets te maken met een zogenaamd einde van de Mayakalender, en dus ook niet met een grote spirituele ommekeer in de wereld of met het apocalyptische einde ervan.

Continue reading

Beeldend kunstenaar Marc Mulders in TV-programma Motel de Jong

Marc MuldersVrijdag 23 december 2011 was beeldend kunstenaar Marc Mulders te gast in televisie-programma Motel de Jong. Hij werd door Wilfried de Jong geïnterviewd over een van zijn recente kunstwerken. Op 14 januari 2012 presenteert Marc Mulders zijn glossy Apokalyps (uitgave van Uitgeverij Meinema).

In deze uitzending was ook Antoine Bodar te gast, auteur van de glossy Antoine die begin 2011 verscheen bij Uitgeverij Boekencentrum. Twee glossy-auteurs in één uitzending!

De prachtige manier van interviewen door Wilfried de Jong geeft de gesprekken extra dimensie.

Uitzending bekijken
Om de uitzending te bekijken, klik hier.

Lees op Theoblogie ook de blog Ziet gij de tekenen der tijden dan niet?, geschreven door Marc Mulders. Om deze blog te lezen, klik hier.

Première documentaire ‘Het meisje dat verdween’

Tijdens een lezing door Els Florijn over haar bekroonde roman Het meisje dat verdween is de gelijknamige documentaire in première gegaan. In deze documentaire wordt o.a. een aantal mensen geïnterviewd die het joodse meisje Elly nog hebben gekend. Hoewel deze video heeft geen directe raakvlakken heeft met een theologisch onderwerp, publiceren we hem toch op Theoblogie. Deze video verdient een groot publiek, denken we.

Maria – kerstverhaal door André F. Troost, illustratie Willeke Brouwer

Alle mensen

Ik ben er stil van geworden. Ik had er wel bij willen zijn, bij die herders in het veld van Betlehem. Ze hebben me alles verteld.
‘Maria, we hebben nog nooit zo mooi horen zingen! Het was hemels mooi. Maar wat wil je, zo veel engelen bij God vandaan, regelrecht uit de hemel gekomen om ons te laten weten dat jouw kind geboren is.’

Ik lig hier naast de wieg waarin Jezus slaapt. Nu ja, wieg, het is eigenlijk een voederbak voor de dieren. Maar dat maakt mij niet uit. Het is voor Jezus goed genoeg. Jozef heeft naar het hout gekeken en de wieg goedgekeurd.
Jozef kan het weten, want hij is timmerman.

Het is allemaal heel vreemd gegaan. We zijn hier in Betlehem gekomen omdat we ons moeten laten inschrijven. Keizer Augustus wil dat. Iedereen moet naar de stad waar z’n familie oorspronkelijk vandaan komt.
Jozef is in de verte familie van David. En David, de beroemde koning, is nu eenmaal in Betlehem geboren.
Ik zei nog: ‘Jozef, ik denk dat het kind nu bijna geboren wordt.’ Het ging vlugger dan we hadden gedacht. Jammer genoeg bleek er geen plaats meer voor ons in de stadsherberg en konden we alleen nog hier terecht.
Het is behelpen, maar we zijn blij en dankbaar.
Hier is Hij dan, Jezus, ons kind, maar vooral: het Kind van God!

Net zijn we gaan liggen om wat te slapen of er wordt op de deur geklopt. ‘Wie is daar?’ zegt Jozef. ‘Wij zijn het,’ zegt een stem, ‘de herders van Betlehem. Mogen wij even binnenkomen?
Wij hebben iets heel bijzonders gezien!’

Als ze binnen zijn, vertellen ze wat ze beleefd hebben. ‘We hielden gewoon, net als altijd, de wacht in het veld. We passen ’s nachts op de schapen, zodat rovers en wilde dieren die niet te pakken kunnen krijgen. Opeens was er een licht, een groot licht. Het was een stralend lichte engel!
We schrokken er behoorlijk van. Maar de engel zei dat we niet bang moesten zijn.
‘Ik kom met een goed bericht, dat heel het volk blij zal maken. Vandaag is jullie redder geboren, de messias, in de stad van David. Ga maar kijken. Je zult het kind vinden, het is in doeken gewikkeld in een kribbe, een voederbak.’
De engel had het nog niet gezegd of we zagen een heel leger engelen verschijnen. Het leek wel een groot koor. En zingen dat ze deden!

‘Eer aan God in den hoge
en vrede op aarde –
God houdt van mensen!’

Opeens stonden we weer alleen, in de donkere, stille nacht. ‘Laten we naar Betlehem gaan!’ zei een van ons. Meteen gingen we op weg. En zo kwamen we hier, om het wonder te zien. Mogen we het kind aanbidden, Maria? Dan gaan we daarna iedereen over Hem vertellen. De hele wereld moet het weten!’

Ik ben er stil van. Wil je wel geloven dat ik het nog niet kan begrijpen? Maar een ding weet ik zeker. Wat de engelen zongen, is helemaal waar: God houdt van mensen!

Vader, wij danken U voor Jezus, onze redder. Help ons om, net als Maria, stil in ons hart te bewaren wat over Jezus is gezegd.

 

Dit verhaal komt uit de kinderbijbel Alle mensen van André F. Troost en Willeke Brouwer.


Willeke Brouwer en André F. Troost

www.andretroost.nl
www.willekebrouwer.nl

De lofzang van Maria – door Dietrich Bonhoeffer

Een thematisch dagboekEen tekst voor kerst uit Een thematisch dagboek van Dietrich Bonhoeffer. De teksten uit dit dagboek zijn gekozen door Bonhoeffer-kenner prof. dr. Gerard Dekker.

Dietrich Bonhoeffer naar aanleiding van de lofzang van Maria:

Dit lied van Maria is het oudste adventslied. Het is tegelijk het meest hartstochtelijke, wilde, ja, men mag wel zeggen het meest revolutionaire adventslied dat ooit gezongen is. Dit is niet de zachte, tedere, dromerige Maria, zoals we haar vaak op afbeeldingen uitgebeeld zien, maar het is de hartstochtelijke, gefascineerde, trotse, geestdriftige Maria die hier spreekt.

Niets van de zoete, weemoedige of zelfs luchtige klanken van
veel van onze kerstliederen, maar een hard, sterk, onverbiddelijk
lied van neerstortende tronen en vernederde vorsten van deze
wereld, van Gods macht en de onmacht van de mensen. Het
zijn de geluiden van de profetische vrouwen uit het Oude Testament,
Debora, Judit, Mirjam, die hier in de mond van Maria
levend worden.

Maria, die door de Geest aangeraakt en gegrepen is, Maria,
die gehoorzaam en ootmoedig aan zich laat geschieden wat de
Geest haar gebiedt, die de Geest waaien laat waarheen hij wil,
zij spreekt vanuit deze Geest over het komen van God in de wereld,
van de advent van Jezus Christus.

Zij ervaart het zelf aan haar eigen lichaam dat God wonderlijke
wegen met de mensen gaat, dat hij niet de weg gaat die de
mensen hem willen voorschrijven, maar dat zijn weg boven alle
begrip en boven alle bewijzen vrij en eigenwillig is.

Continue reading

Grondrechten als bescherming tegen de overheid (2) – door André Rouvoet

Iedereen mag geloven wat hij of zij wil. Die vrijheid van godsdienst en levensovertuiging koesteren we in een open democratische samenleving. In zo’n samenleving mogen religie en levensovertuiging ook bekritiseerd worden. Maar je begeeft je op glad ijs als je vanuit kritiek op religie politiek gaat ingrijpen. Grondrechten zijn juist bedoeld om mensen tegen de overheid te beschermen.

Dit betoogt André Rouvoet in zijn bijdrage ‘Confronteren is iets anders dan verbieden’ in de bundel Breekpunt of bindmiddel. Religieus engagement in de civil society. Hier publiceren we met zijn toestemming het tweede deel van zijn artikel, gisteren – woensdag 21 december – plaatsten we deel 1.

 

Vrijheid en verantwoordelijkheid
Zijn er dan geen beperkingen te stellen aan de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging? Natuurlijk wel. Formeel valt daarover op te merken (zie artikel 6 Grondwet) dat dit mogelijk is, mits geregeld bij wet. Het is echter meer inzichtelijk om de vergelijkbare bepalingen in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en het VN-verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten (BuPo) er bij te nemen omdat deze zuiverder zijn geformuleerd en wel twee kanten op.

Aan de ene kant kadert artikel 9 EVRM de mogelijkheid om de vrijheid van godsdienst en overtuiging te beperken nadrukkelijk in. Dit mag alleen als die (wettelijke) beperking in een democratische samenleving noodzakelijk is in het belang van de openbare veiligheid, voor de bescherming van de openbare orde, gezondheid of goede zeden of voor de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen. Aan de andere kant is in de internationale mensenrechtenverdragen ook de notie verankerd dat mensenrechten niet gegeven zijn om naar willekeur te gebruiken. Mensenrechten (aldus bijvoorbeeld de preambule van het BuPo-verdrag) zijn gegeven vanuit de vaststelling dat een ieder plichten heeft jegens de gemeenschap ‘zonder welke de vrije en volledige ontplooiing van zijn persoonlijkheid niet mogelijk is’. Daarom stelt ditzelfde verdrag ook wat betreft de nakoming van de mensenrechten en burgerlijke vrijheden niet alleen landen en staten aan, maar ook de individuele mens, ‘uit hoofde van de plichten die hij heeft tegenover anderen en tegenover de gemeenschap waartoe hij behoort’. En daarom bepaalt artikel 17 EVRM dan ook: de rechten en vrijheden die mensen toekomen zijn niet bedoeld en mogen niet gebruikt worden om de vrijheden en rechten van anderen teniet te doen. Dat geldt dus ook als het gaat om de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging.

Continue reading

Grondrechten als bescherming tegen de overheid (1) – door André Rouvoet

Iedereen mag geloven wat hij of zij wil. Die vrijheid van godsdienst en levensovertuiging koesteren we in een open democratische samenleving. In zo’n samenleving mogen religie en levensovertuiging ook bekritiseerd worden. Maar je begeeft je op glad ijs als je vanuit kritiek op religie politiek gaat ingrijpen. Grondrechten zijn juist bedoeld om mensen tegen de overheid te beschermen.

Dit betoogt André Rouvoet in zijn bijdrage ‘Confronteren is iets anders dan verbieden’ in de bundel Breekpunt of bindmiddel. Religieus engagement in de civil society. Hier publiceren we met zijn toestemming het eerste deel van zijn artikel, morgen – donderdag 22 december – volgt deel 2.

Religiekritiek en godsdienstvrijheid
‘Spreken over godsdienstvrijheid is als het betreden van een smal, met prikkeldraad omzoomd pad. De gevoeligheden zijn groot. Je spreekt over andermans diepste overtuiging: boosheid ligt op de  loer en ergernissen hopen zich snel op.’ Zo begon de inmiddels ex-fractievoorzitter van GroenLinks, Femke Halsema, haar in deze bundel opgenomen toespraak. Geheel met mijn instemming zette zij in met de opmerking dat de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging een individueel recht is dat bescherming verdient. Iedereen mag geloven wat hij of zij wil. Woorden die mij uit het hart gegrepen zijn. Het verdient waardering dat een politica van een zich bewust als seculier presenterende politieke partij dit recht op deze wijze markeert.
In het vervolg van haar betoog uitte Halsema de nodige kritiek op hoe binnen sommige religies – in het bijzonder de islam – met die godsdienstvrijheid wordt omgegaan. Zo sprak zij met compassie over moslimvrouwen die in de huiselijke kring vernederingen ondergaan en bijvoorbeeld over een 13-jarig moslimmeisje dat onder dwang bepaalde keuzes maakt. Deze gedrevenheid om dwang en vernedering tegen te gaan doet sympathiek aan. We moeten niet willen zwijgen over de zwarte kant van de islam. Grote delen van de islam hebben nog altijd onoverkomelijke bezwaren tegen de meest fundamentele politieke en religieuze vrijheden. Het islamitische verbod op geloofsafval is daar een voorbeeld van. En dat is geen constatering waar we ons bij neer mogen leggen; het vraagt om dialoog, debat en soms zelfs confrontatie.
Het past in een open en plurale democratische samenleving dat religies en levensovertuigingen bekritiseerd mogen worden: opvattingen en overtuigingen zijn niet boven kritiek verheven, ook niet als hun oorsprong religieus is. Religiekritiek is dus mogelijk. Discussie en kritiek komen overigens niet alleen ‘van buiten’, maar vinden – gelukkig – ook volop plaats binnen de verschillende geloofsgemeenschappen.

Religiekritiek ontspoort als zij de inspiratie vormt voor overheidshandelen
Hiermee is niet alles gezegd. Religiekritiek houdt niet altijd op bij kritiek op de religie zelf. Mijn moeite met wat zich onder de noemer van religiekritiek presenteert, is dat deze dikwijls in feite neerkomt op of in elk geval gepaard gaat met een ijveren voor bepaalde doelstellingen. Ook Halsema kwam daar niet los van: in haar toespraak werd duidelijk dat haar visie op de grondrechten is ingebed in haar strijd tegen wat in haar ogen moet worden beschouwd als ‘dwang en vernedering’. Die kanteling werd scherp gemarkeerd waar zij aangaf dat zij respecteert ‘dat mensen samen, in de uitleg van hun geloof, tot gedragsvoorschriften en leefregels komen, waaraan zij zich – in vrijheid, zeg ik met nadruk – willen houden’. Zij vindt het zelfs haar plicht deze fundamentele vrijheid van mensen te verdedigen. Maar dat betekent niet dat zij zich neerlegt bij die keuze. In de woorden van Halsema: vanuit de gedachte dat godsdienstvrijheid een individueel recht is, mag zij ‘er niet toe leiden dat gelovigen worden bekneld in hun levensstijl of in hun hoogstpersoonlijke wijze van geloven’.
Tal van gedragingen kunnen op die manier onder kritiek komen. De bekende hoofddoekjes natuurlijk. Maar wat dan te denken van het levensbeschouwelijk onderwijs? Of bijvoorbeeld het gegeven dat ouders hun kinderen meenemen naar de kerk? Worden zij zo niet al op jonge leeftijd geïndoctrineerd? En is dat niet in strijd met het recht om in vrijheid de keuze te maken voor of tegen een bepaalde religie of levensbeschouwing? Moeten kinderen daartegen niet worden beschermd? Er zouden meer voorbeelden te geven zijn.
De vraag moet gesteld worden of deze benadering zich wel verdraagt met het karakter van de in de Grondwet verankerde vrijheden. In elk geval liggen hier enkele zeer wezenlijke en principiële vragen. Die vragen hebben er in de kern allemaal mee te maken dat religiekritiek, of kritiek op andere levensbeschouwingen, vanzelfsprekend geoorloofd is en misschien vaak ook wel zeer nuttig, maar dat je je zacht gezegd op glad ijs begeeft wanneer je religiekritiek en overheidshandelen met elkaar verbindt. Continue reading

Overal zit wel een barst in – kerstblog door Dien de Haan

Hoeveel predikanten, kerken, evangelisatiecommissies, kerk- en dagbladredacties  zouden er jaarlijks hun hoofd breken over de vraag: wat doen we dit jaar met Kerst? Wat kiezen we voor thema? Voor de preek, de volkskerstzang, de dienst, het kerstnummer? Kunnen we wat bijzonders bedenken?
Ik heb daar zelf ook jaren aan meegedaan. Soms zei dan iemand: moeten we maar niet terug naar Calvijn? In Geneve had de kerkenraad de viering van het Kerstfeest op 25 december afgeschaft, en Calvijn was het daarmee eens. Hij preekte wel over Jezus’ komst naar deze wereld, maar dan op de zondag die het dichtst bij 25 december lag. En op Kerst, Pasen en Pinksteren vierde hij met de gemeente het avondmaal. Geen franje, ook geen kerstfranje. Verkondig het evangelie! Desnoods op Kerst, zou je er bijna aan toevoegen.

Wat heb ik eraan?
Eens, tijdens een redactievergadering met kerstthemadiscussie, nam een oude, wijze predikant het woord. December is de tijd van de korte dagen en de lange nachten, zei hij. Dan zijn mensen meer gevoelig voor de warmte en het licht van het evangelie. Maak daar dan gebruik van! Verkondig het evangelie, juist op Kerst. ‘Maakt u de gelegenheid ten nutte’ (Kol. 4:5 NBG). ‘Buit de geschikte tijd uit’ (HSV).
Het is al veertig jaar geleden, maar ik ben zijn woorden nooit vergeten. Ik zou er vandaag nog wel graag wat met hem over door willen praten, maar dat kan niet meer: hij viert Kerst allang Boven. Tegelijk met Pasen en Pinksteren en het grote Advent. Maranata!

Je ‘de gelegenheid ten nutte maken’, ‘de geschikte tijd uitbuiten’, hoe doe je dat vandaag? Nog net zo als veertig jaar geleden? Heeft de moderne mens nog streeds dat ‘korte-dagen-en-lange-nachten-gevoel’?
Sommigen wel, denk ik. ‘Kerst vier je samen’, zegt de EO, daarop inspelend. Kerst is nieuwe kleren en heel lang aan tafel zitten, zei een kind. ‘Op je mooist tijdens de feestdagen’, adverteren de modezaken. In je nieuwe outfit tijdens het kerstdiner met familie en buren schitteren als een ster aan een gesloten hemel.
Britse kerkgenootschappen hebben samen een moderne reclamecampagne opgezet: ‘However you dress it up – Christmas starts with Christ’ – Hoe je het ook aankleedt, kerstfeest begint met Christus. Continue reading

Hopen op een wereld voorbij het kwaad – door Evelien de Nooijer

Arjan MarkusDeze blog is met toestemming overgenomen van de weblog Over Boeken, enzo… Wij bedanken Evelien de Nooijer hartelijk voor haar medewerking.

Filosoof en theoloog Arjan Markus vraagt zich af of het nog wel mogelijk is om, anno 2011 en volledig meedraaiend in onze westerse maatschappij,  te geloven in een persoonlijke God.

Een boeiende vraag, vind ik.

Natuurlijk denkt hij zelf van wel. Tenslotte verdient hij zijn geld als dominee. Maar het vanzelfsprekende is hij wel voorbij: “…Ik hoop dat er een geheim is dat onze wereld behoedt voor zinloosheid en ondergang. Stel nu dat dit geheim een ‘Iemand’ is die een ideaal van heelheid nastreeft voor wie kapot is en voor wat kapot is…”.

Veel mensen hebben de intuitie dat er ‘iets’ is; stel nu dat dat ‘iets’ een ‘Iemand’ is.

Hij heeft een aantal gesprekken gevoerd met twijfelaars en zoekers, en daaruit is “Adieu God. Over het afscheid van een persoonlijke God” ontstaan.
Veel mensen ervaren een kloof tussen wetenschap en religie. Volgens Markus is dat niet nodig. Het conflict ontstaat meestal doordat fysische en metafysische uitspraken niet goed onderscheiden worden. We moeten goed voor ogen houden dat de moderne wetenschap zich beperkt tot fysische uitspraken over onze werkelijkheid. Wetenschap is goddeloos, en dat hoort ook zo, want God is niet empirisch toetsbaar.

Continue reading

Van voorganger tot voorbijganger – door Marjolijn de Waal

Marjolijn de WaalDit artikel is met toestemming overgenomen uit opiniërend magazine voor de Protestants Nederland Woord & Dienst, december 2012.

Wat gebeurt er als predikanten met emeritaat gaan of hun ambt neerleggen? Kunnen ze blijven wonen in hun laatste gemeente? Of moeten ze verhuizen om hun opvolger ruimte te geven?

Voor bijna alle mensen is een thuis heel vanzelfsprekend. Thuis is de plek waar je kunt blijven. De meeste mensen zoeken een huis in de buurt van hun werk, of werk in de buurt van hun huis. Voor predikanten ligt dat anders. Zij vertrekken naar een plaats om voor minstens vier jaar te verblijven, niet wetend waarheen ze daarna zullen gaan. Zij zijn daarmee eigenlijk voorbijgangers. Altijd op doorreis. Maar aan het einde van hun loopbaan?

‘Thuis’ blijven
Bijna iedereen kent wel een verhaal waarin de aanwezigheid van een voormalig voorganger in de gemeente negatief uitgepakte. Deze verhalen vormden de aanleiding tot een klein onderzoek dat ik voor een bachelorscriptie aan de Vrije Universiteit deed, getiteld Van voorganger tot voorbijganger. Een oproep van dr. Sake Stoppels, docent gemeenteopbouw aan de VU, in Predikant en Samenleving (orgaan van de Bond van Nederlandse Predikanten) leverde een kleine vijftig reacties op. De gebleven voorgangers hadden voornamelijk de positieve verhalen. Hun opvolgers oordeelden gereserveerder. Weliswaar domineerden de positieve geluiden, maar de negatieve reacties waren erg donker.

Continue reading