Monthly Archives: november 2011

Andries Knevel praat met Bonhoeffer-kenner prof. dr. Gerard Dekker

prof. dr. Gerard DekkerDietrich Bonhoeffer is een theoloog die veel mensen fascineert. Aanvankelijk in de jaren ’60 vooral theologen aan de linker kant van het politieke spectrum, tegenwoordig wordt hij veel gelezen in orthodox-protestantse kring.
Prof. dr. Gerard Dekker, oud hoogleraar aan de VU stelde uit de werken van Bonhoeffer een thematisch dagboek samen dat onlangs verscheen.
Andries Knevel praat in het radio-programma Andries Radio met hem over de persoon Bonhoeffer en het dagboek.

Beluisteren
Om de uitzending te beluisteren, klik hier.

Meer informatie
Voor meer informatie over Het thematisch dagboek van Dietrich Bonhoeffer, klik hier.

Bonhoeffer-app
In november verscheen ook de Bonhoeffer-app: elke dag een tekst van Bonhoeffer op je iPhone. Voor meer informatie, klik hier.

Dokus

Start de maand december met een cartoon van Dokus:
(uit: de Dokus Scheurkalender, prachtig decembercadeau!)

Dokus Scheurkalender

Demente oudere past niet in het dominante mensbeeld

Rieke MesGeestelijk verzorger Rieke Mes schreef het boek Hoe kom ik thuis. Geestelijke verzorging voor mensen met dementie: een zielzorgconcept. Dementie vraagt namelijk om een doordacht zorgconcept in het pastoraat. Volgens Rieke Mes is de zorg in vorm en beleid gestructureerd naar het dominante liberale mensbeeld dat in onze maatschappij alomtegenwoordig is. Autonomie is het kernwoord van de huidige mens en dus in de huidige zorg. En daarmee vallen demente mensen buiten het beeld van de zelfstandige en zelfredzame mens. De basis van de zorg moet echter als fundament een mensbeeld te hebben dat de demente mens insluit.
In het Nederlands Dagblad stelde Mes: ‘Ik ontdekte na interviews met geestelijk verzorgers dat ze amper reflecteren op de waarden waar vanuit ze werken, je mens- en Godsbeeld bepalen hoe je als geestelijk verzorger met dementerenden omgaat, dus het is goed om daarover na te denken.’
Het artikel in de krant vervolgt: Vanuit de christelijke traditie is een relationeel mensbeeld volgens haar het beste te verdedigen. Daarin is wederkerigheid belangrijk. ‘Als iemand in een verpleeghuis komt, vindt hij het vaak het ergst dat hij afhankelijk is van anderen. Je moet iemand dus het gevoel geven dat hij niet alleen ontvangt, maar ook iets geeft. En als je als geestelijk verzorger naast een dementerende gaat staan, en beseft dat jullie allebei kwetsbaar zijn, dan ontvang je ook veel.’

Mensen met dementie vragen vaak naar de weg om thuis te komen. ‘Hoe kom ik thuis?’ is een vraag die dementerenden stellen aan iedereen die ze tegenkomen. De geestelijk verzorger heeft een vermoeden van de weg naar huis. De juiste route kan hij voor een ander mens nooit uitstippelen, die zal hem zelf moeten vinden. De geestelijk verzorger kan wel meegaan in deze zoektocht en soms zijn vermoeden en perspectief tonen. Bij demente meegaan de zoektocht in: in de kluwen van de verwarring gaan staan en vandaaruit zoeken en misschien ooit vinden.

Voor meer informatie over het boek, klik hier.

Jung en het Oude Egypte – door Tjeu van den Berk

Dit artikel, geschreven door Tjeu van den Berk ter voorbereiding op zijn nieuwe boek Het oude Egypte  is met toestemming overgenomen van de website van de C.G. Jung Vereniging Nederland.

‘De aanleiding tot mijn reis naar Afrika kwam voort uit de behoefte (…) het psychische leven van primitieve stammen uit eigen waarneming te leren kennen. Dit vanwege het feit (…) dat de door mij onderzochte inhouden van het collectieve onbewuste in zeer nauwe betrekking staan tot de primitieve psychologie. Ons geciviliseerd bewustzijn verschilt weliswaar zeer sterk van dat van de primitieve mens, maar diep verborgen in onze psyche bestaat er een invloedrijke laag van primitieve processen, die zeer nauw verwant zijn aan processen die bij de primitieve mensen in hun dagelijks leven nog aan de oppervlakte liggen.’1

Jung vertrekt op 15 oktober 1925 vanuit Southampton per boot naar Tropisch Brits Oost-Afrika. Bijf maanden zal de reis duren, die begint in Kenia, en via Oeganda en Soedan naar Egypte leidt. Op 14 maart 1926 is hij weer thuis in Küsnacht. In het eerste deel van deze bijdrage doe ik verslag van die reis. Daar het kernonderwerp het Oude Egypte is, sta ik met name stil bij die gebeurtenissen uit de reis die verwijzen naar dat Oude Egypte. In het tweede deel sta ik stil bij de wijze waarop Jung de mythen van het Oude Egypte interpreteert, en hoe die volgens hem met name doorwerken in de christelijke dogma’s. In een kort laatste deel sta ik stil bij de rijkdom aan inzichten die Jungs visie heeft en zal hebben voor de egyptologie.
Continue reading

Interview met Tjeu van den Berk over ‘Het oude Egypte’

Tjeu van den Berk vertelt in dit video-interview over de achtergronden van zijn nieuwe en fascinerende boek ‘Het oude Egypte, bakermat van het vroege christendom.’ Met dank aan Ruben Korneef en Frank van Wijhe die de opnames maakten.

Van Tjeu van den Berk verschenen de afgelopen vele titels bij Uitgeverij Meinema, waaronder Mystagogie, Het geheim van de hersenstam en Het numineuze. Om het complete oeuvre te bekijken, klik hier.

Lees op Theoblogie ook de blogs van Tjeu van den Berk en Jan Greven over Het oude Egypte. Om ze snel en eenvoudig te vinden, klik hier.

Tjeu van den Berk

Interview met ds. Bert Karel Foppen en drs. Leantine Dekker

In deze video een interview met ds. Bert Karel Foppen en drs. Leantine Dekker naar aanleiding van de Geloofscursus ‘Geloven met het hart‘ waarvan onlangs het eerste deel met bijbehorende handleiding verscheen bij Uitgeverij Boekencentrum. De geloofscursus kwam tot stand in samenwerking met IZB.

Reactie op de lezing van prof. dr. P. Chatelion Counet – door Axel Rooze Masterstudent PThU

Alex RoozeAxel Rooze, masterstudent aan de PthU, reageerde tijdens de presentatie van De Bijbel theologisch, hoofdlijnen en thema’s op de lezing van prof. dr. Patrick Chatelion Counet. Wij zijn Alex erkentelijk dat we de integrale tekst van zijn reactie op Theoblogie mogen publiceren.

Om de andere blogs naar aanleiding van de presentatie van De Bijbel theologisch te lezen, klik hier.

Geachte professor Chatelion Counet,

Allereerst dank en lof voor deze interessante en inspirerende lezing. Ik ben frisse perspectieven op de Bijbelse Theologie tegengekomen ‘zelfs zoveel dat ik dit deel van de plichtplegingen kort zal houden om snel over te gaan op een inhoudelijke reactie. Maar dit niet zonder eerst mijn waardering uit te spreken voor uw bemoeienis om u expliciet uit te spreken tegen seksueel misbruik.
Er is een aantal clusters van themata die mijn aandacht hebben getrokken in uw lezing, en die ik nu kort wil aanstippen door meerdere vragen en gedachten bij elkaar te groeperen.

1.) Negatieve theologie
Ten eerste wat betreft het spreken over God; het net kunnen onderbrengen van God in een systeem, de beperkingen die de Bijbelse tekst zelf daaraan stelt, en het daarom aansturen op een negatieve theologie. Mijn waardering voor die methodische insteek. Het deed me wat aan hoe Barth perk en paal stelde aan het spreken over God in bijvoorbeeld KD II,1. Ik heb mijn aantekeningen bij dat boek nog eens overgekeken en dat zette me in relatie tot uw lezing aan het denken. Want na inderdaad een grondige verdediging van negatieve theologie, zet Barth in tweede instantie wel degelijk de stap naar een positieve theologie. Men kan en mag niet net over God spreken. Men kan niet net systematiek bedrijven, ondanks het gegeven dat God niet te vangen is in een systeem. Ook in de lezing van professor Talstra viel mij op dat er in de theologie een soort weerzin lijkt te zijn tegen systematiek en abstracties, terwijl het me al onbegonnen werk lijkt om abstracties en concreet heden überhaupt uit elkaar te
halen. Ook lijkt het mij niet goed mogelijk om wetenschappelijke theologie te bedrijven zonder de hulp van abstracties en systematiek. Ik moet in dat verband ook denken aan de beroemde uitspraak van de sociale psycholoog Kurt Lewin: ‘There is nothing as practical as a good theory.’

Continue reading

In de theologie is het begrip God één begrip te veel – door prof. dr. Patrick Chatelion Counet

prof. dr. Patrick Chatelion CounetTijdens de presentatie van De Bijbel theologisch, hoofdlijnen en thema’s, hield dr. Patrick Chatelion Counet onderstaande lezing. Wij zijn hem erkentelijk dat we de tekst mogen publiceren op Theoblogie.

In zijn essay Comment ne pas parler’  Hoe niet te spreken uit 1987 merkt de filosoof Jacques Derrida op dat God nog niet zo’n slecht begrip is om uit te drukken dat je spreekt over iets waarover je niet kunt spreken. Er valt niets te zeggen, maar men gebruikt niet het verkeerde begrip. Echter, om te voorkomen dat anderen mochten denken dat je weet waar je het over hebt, dient men, aldus Derrida, dit begrip sous rature te stellen. Je moet er een kruis doorhalen, GOD.

Dit idee vormde het uitgangspunt van mijn boek Over God zwijgen uit 1998, de negatieve theologie. De inspiratie daarvoor gaat nog verder terug naar mijn rechtenstudie toen we Die Metaphysik der Sitten lazen, waar Kant opmerkt dat de rechtsgeleerden nog steeds verlegen zijn met de vraag wat recht is. Juristen zijn niet in staat te definiëren wat rechtvaardigheid is. Dat geldt voor meerdere disciplines, realiseerde ik me later. Biologen weten nog steeds niet wat leven is. Antropologen kunnen de mens niet definiëren. Filosofen hebben geen idee
wat wijsheid is. En in de theologie is het begrip God één begrip te veel.

Ik was vijftien toen iemand mij voor het eerst over dit probleem deed nadenken. Simon Vinkenoog bezocht Geleen. Ik mocht er niet heen, want je moest zestien zijn om het café waar hij sprak binnen te komen. Met een clubje leerlingen vervalsten wij een legitimatiebewijs en zo zagen we de hippieheld en goeroe van de flowerpower, de schrijver Simon Vinkenoog, uitgestrekt op een bank liggen, onder een schemerlamp, met een enorme sigaret tussen de vingers. Hij oreerde met die onvergetelijk scherpsnerpende stem van hem over van alles en nog wat.
Het was duidelijk dat hij na de treinreis vanaf Amsterdam nog een andere trip maakte. Op een gegeven moment sprak hij ook over God. God was een afkorting, hield hij de jeugd van Geleen voor. G.O.D.

Continue reading

De actualiteit van Dietrich Bonhoeffer – door Gerard Dekker

BonhoefferGodsdienstsocioloog Gerard Dekker verzamelde 366 tekstfragmenten van Dietrich Bonhoeffer die de gehele breedte en diepte van zijn gedachtewereld beslaan en stelde ze samen tot een thematisch dagboek. Dekker schrijft hieronder over de grote belangstelling die er nog steeds voor het werk van Bonhoeffer bestaat.

 
De in de vorige eeuw bekende en spraakmakende theologe Dorothee Solle zei eens dat de enige Duitse theoloog die in de eenentwintigste eeuw nog de moeite waard zal zijn om te lezen Dietrich Bonhoeffer zal zijn. Het ziet er naar uit dat zij gelijk zal krijgen. Aan geen enkele theoloog is in het begin van deze eeuw zoveel aandacht besteed als aan Dietrich Bonhoeffer, de theoloog die in het begin van de vorige eeuw leefde en werkte als docent aan de universiteit van Berlijn en (in binnen- en buitenland) als predikant, en die een leidende functie vervulde in de toenmalige Belijdende Kerk. Er zijn in de loop van de tijd al meer dan 50.000 studies over hem verschenen en er is een internationaal Bonhoeffer Werkgezelschap met in veel landen (ook in Nederland) een afdeling, waar gewerkt wordt met de erfenis die Bonhoeffer heeft achtergelaten. Continue reading

Stellingen bij Deel II van ‘’Marginaal en missionair‘‘ van Wim Dekker | door kadmosb

Wim Dekker - Marginaal en missionairEerder besprak ik het prachtige ‘Marginaal en missionair, Kleine theologie voor een krimpende kerk’ van Wim Dekker. In onze gemeente hebben we een studiekring over dit boek opgedeeld in drie delen:

- avond 1 – Probleemstelling – Hoofdstukken 1  t/m 5;
- avond 2 – Oplossingsrichtingen – Hoofdstukken 6 t/m 8 (en facultatief hoofdstuk 9);
- avond 3 – Stamelend verder – Hoofdstukken 10 en 11.

Ter voorbereiding van de tweede avond bij deze een aantal stellingen bij het tweede deel van het boek. Dan kunnen we samen kiezen over welke stellingen/thema’s/onderwerpen we het tijdens de kring willen hebben, als we de ‘Probleemstelling’ van Dekker bespreken.

  1. De eerste avond bespraken we de probleemstelling die Wim Dekker aansnijdt (in zijn boek wat abstracter; in twee artikelen in “De Waarheidsvriend” concreter: “De kerk op een laag pitje” (In: De Waarheidsvriend d.d. 26 november 2009) en “Kerk moet terug naar kern” (In: De Waarheidsvriend d.d. 3 december 2009)). De discussie spitste zich vooral toe op de vraag wat het betekent dat God een optie is. Voor oudere generaties – merk ik ook in andere gesprekken – is secularisatie vooral een macht die mensen vervreemdt van God en gelovigen losweekt van de kerk; een macht van buitenaf. Volgens Taylor kun je secularisatie ook anders interpreteren. Voor hem is secularisatie niet een macht die zich van buitenaf mengt in de kerk, maar gaat het bij secularisatie om een schuivend wereldbeeld waarin God in de beleving van mensen van binnenuit (vanuit hun hart) verschuift van absolute aanwezigheid (bijvoorbeeld in de Psalmen) naar een optie tegenover andere opties; voor gelovigen een aantrekkelijke optie; voor ongelovigen een optie die niet meer meetelt. Op oudere generaties van gelovigen lijkt die vorm van secularisatie nog weinig vat te hebben. Het gat in de kerk – zoals Dekker dat in zijn artikelen noemt – ontstaat dan ook vooral bij de groep van 25 – 45 jaar die langzaam en stilletjesaan de kerk uitschuift omdat andere alternatieve opties aantrekkelijker lijken dan god. Tijdens de kring leken zich twee groepen af te tekenen: de ene – vooral oudere – groep betrok de stelling dat jongeren daarin zondigen door bijvoorbeeld niet twee keer naar de kerk te gaan en de antenne niet verticaal te richten, maar juist op alles wat ons hier beneden boeit en bindt (druk, druk, druk). De oplossing zit ‘m in de keerzijde van het probleem, was hun stelling: weer gewoon regelmatig naar de kerk en die antenne moet weer verticaal op God worden afgestemd. Andere deelnemers in de discussie betrokken de stelling dat dit zo mag zijn, maar wat te doen als kerkgangers geen aansluiting meer vinden bij de kerk; als God inderdaad tot een optie is geworden die je niet meer helpt om de fundamentele vragen te beantwoorden als er problemen komen in het huwelijk of als ellende, pijn, verlies en verdriet in je leven komen? Twee keer naar de kerk werd door hen als een te gemakkelijke oplossing ervaren; ook als een soort van moeten waar huidige generaties in hun beleving geen aansluiting meer bij vinden. Met andere woorden: we kwamen er niet uit. Hebben we het probleem wel diep genoeg gepeild? Continue reading