Monthly Archives: oktober 2011

Beleving is te leren. Waarom de traditionele kerkdienst niet passé is. – door dr. A. de Kock

liturgieZowel in het Friesch Dagblad als in het Reformatorisch Dagblad verscheen een verslag van een studiemiddag over Het Heilige Gebeurt van collega Immink. Het ene verslag kreeg de titel Zonder beleving is jongere generatie weg. Het andere Zonder beleving haakt jonge generatie af.

In de debatten over de kerkdienst en de jonge generatie neemt (beleving) altijd een centrale plek in. De redenering is doorgaans als volgt. Jongeren zijn op zoek naar beleving. Jongeren vinden in de traditionele kerkdienst weinig tot geen beleving. Dat is ook niet zo gek, want de traditionele kerkcultuur staat ver af van de hedendaagse cultuur en jongerencultuur. Als er nu niet snel meer te beleven valt in de kerkdienst zie je de jongere generatie niet meer komen. Waar je ze nog wel ziet komen zijn de bijeenkomsten met een meer evangelische en/of charismatische inslag. Daar staat de beleving wel centraal en daar vinden jongeren dus wat ze zoeken: beleving. De traditionele kerkdienst heeft dus zijn langste tijd gehad.

Continue reading

Een spijtig en inspirerend verhaal: Gen. 6-9 en het Gilgamesh epos – door dr. Klaas Spronk

InterpretatieDeze blog van dr. Klaas Spronk werd eerder gepubliceerd in Interpretatie, tijdschrift voor bijbelse theologie (19e jaargang nr. 5 / juli 2011).

Wat bezielde God om zijn schepping van aarde en mens weer ongedaan te maken en om dat uiteindelijk toch weer niet helemaal te doen? Had God echt spijt en dat misschien zelfs twee keer? Wat zegt het verhaal in Genesis 6-9 ons over God, over Noach en over de mens als nazaat van Noach in relatie met die God?

In het zoeken naar antwoorden hebben we baat bij een vergelijking met de Mesopotamische pendant van het bijbelse verhaal. Het is wel zeker dat die bekend moet zijn geweest in Israël en dan met name in de versie van het veel oudere Gilgamesh epos dat op vele plaatsen in het oude Nabije Oosten sporen heeft achter gelaten.(1) Het heeft er alle schijn van dat het verhaal in Genesis 6-9 daarop is gebaseerd en er ook in bepaalde opzichten op reageert. Dat is niet alleen af te leiden uit de duidelijke overeenkomsten in de grote lijn van het verhaal, maar juist ook uit een aantal opmerkelijke parallelle details. Zo wordt in Genesis 6:14 het pek, waarmee het hout van de ark wordt bestreken, aangeduid met een woord dat in de Bijbel alleen hier voorkomt en dat lijkt te zijn afgeleid van het Assyrische woord in dezelfde passage in het Gilgamesh epos (tablet 11, regel 65). In beide versies worden vogels losgelaten om de opdrogende aarde te verkennen. In het Gilgamesh epos gaat het om een duif, een zwaluw en een raaf, terwijl volgens Genesis 8 Noach een raaf en daarna drie maal een duif laat gaan. Intrigerend is de manier waarop in beide versies de goddelijke reactie wordt beschreven op de naar de hemel opstijgende geur van het offer dat de overlevenden na de vloed brengen. In het Gilgamesh epos gebeurt dat niet bepaald eerbiedig:

De Goden snoven die geuren op;
De Goden snoven die zoete geuren op
En zwermden als vliegen rond de offeraar! (11, 160-162)

Continue reading

Het kan niet!

Wouter KlouwenDe Bijbel staat vol met dingen die niet kunnen. Een reden om het boek als ongeloofwaardig terzijde te schuiven? Juist niet! stelt Wouter Klouwen in zijn boek Sta op en wandel. Die onmogelijkheid is nu precies de kern van de zaak, het is de grap van het geloof.

De manier waarop Klouwen de verlegenheid schetst waarin de kerk (vooral druk met eigen lijfsbehoud!) met haar Bijbel is terechtgekomen, is voor mij heel herkenbaar. De generatie van mijn ouders, de babyboomers, heeft de Bijbel afgeschreven met het argument dat hetgeen daar beschreven wordt, historisch niet klopt, ethisch achterhaald is en in godsdienstigheid niet erg overtuigend. Daarin hadden zij helemaal gelijk, zegt Klouwen. Als de Bijbelwetenschap van de 19de en 20ste eeuw ons iets geleerd heeft, dan is het dat het in de Bijbel ten diepste niet gaat over historie, moraal of religie. Wie met die verwachting gaat lezen, komt bedrogen uit: van de uittocht uit Egypte is geen snipper of potscherf teruggevonden, de varkensvleesetende christen die op grond van de Bijbel homoseksualiteit verafschuwt, is met zichzelf in tegenspraak en wie eens religieus wil wegzweven, komt in de Bijbel maar matig aan zijn trekken. Pogingen om de Bijbel of wat daarin verteld wordt historisch of ethisch ‘aannemelijk’ te maken, zijn in de kerk aan de orde van de dag, maar tot mislukken gedoemd.

Andere ogen
Wat een verademing hoe Klouwen, in navolging van grote denkers als Barth en Miskotte, nu nog eens heel duidelijk voor het voetlicht brengt: inderdaad, het kan niet! Van de doortocht door de Schelfzee tot aan de opstanding uit de doden: het is onmogelijk. Niet de mensenmogelijkheden (geschiedenis, ethiek, religie) staan in de Bijbel centraal, maar een vreemde, onmogelijke stem, die dat wat onmogelijk is, werkelijkheid doet worden: Sta op! En de verlamde stond op. Dat is wat de Bijbel geloof noemt: een menselijke onmogelijkheid die toch werkelijkheid wordt.

Continue reading

Voetbalminnende, bierdrinkende man niet op zijn gemak in de kerkdienst – door Jan Bart Alblas

Woord en Dienst oktober 2011 - Diverse auteurs

Als semi-dominee ben ik overdag thuis. Terwijl ik de was ophang en de handdoeken opvouw, denk ik na over de kerk. De kerk is over-gefeminiseerd. Bij het binnengaan in een kerk moeten mannen hun mannelijkheid buiten laten staan. Daar is geen plek voor.

Bruid
Het begint er al mee dat iedere zondag een kleur heeft. Te zien aan de kleedjes voorin de kerk en de toga van de predikant. Vervolgens gaat het altijd over de bloemen  liturgisch of niet. Dan blijkt er veel aandacht te zijn voor kinderen. Vaak met een verzameling vragen die eigenlijk voor iedereen zijn of met een onbegrijpelijk spiegelverhaal. De dominee ziet er ook niet uit als iemand die vroeger de baas was in de kleedkamer van zijn voetbalteam. De preek gaat over emotie en gevoel en over aardig zijn voor elkaar. Er wordt gezorgd in gebeden en collecte. Na de dienst is er tijd voor een praatje met een kopje thee of koffie, het liefst zonder suiker. Kleuren, bloemen, kinderen, emoties, zorgen en geklets, het zijn de bestanddelen van de eredienst. Alsof de kerk probeert letterlijk de bruid van Christus te worden.

De kerk mist ballen
Door deze overdreven concrete toepassing van Bijbelse taal is er geen ruimte meer voor het mannelijke in de kerk. Een voetbalminnende, bierdrinkende man zal zich niet thuis voelen in de tedere symfonie van kleuren en beelden. Dat is nog maar de kerkdienst. Ook de kerk als geheel mist ballen. De kerk presenteert zich als een plek waar het veilig is en waar alles mag. Alles kan er bedekt worden met een grote mantel der liefde. Maar geloven vraagt om moed en om de ruggengraat, om anders te doen dan de rest. Je moet er een kerel voor zijn. De kerk is eigenlijk voor stoere mensen. In de kerkelijke ruimte is er helaas geen donkere stem die dit laat zien. Er zijn alleen hoge stemmetjes die niemand hoort. Er is geen zak als Johan Derksen die de waarheid vertelt, inclusief scherpe randjes. Geen knipogende Jeroen Pauw die laat zien dat het spannend kan worden. De kerk is een seksloos instituut voor mensen met een uitgeblust libido. Eerder een grijze mutsenclub dan een plaats waar de wereld op zijn kop wordt gezet. De bruid van Christus mag best eens wat van de andere kant van haar Heer laten zien. Die liep ook rond met een zweep en was niet bang om scheldwoorden en andere krachttermen te gebruiken. Het gaat wel ergens over.

Maar goed, misschien heb ik het wel niet goed begrepen; een vorm van mannelijke beperktheid. Hopelijk is er voor de kerk eenzelfde soort oplossing als ik gevonden heb voor de verveling tijdens het strijken: Voetbal International kijken. Strijken en tegelijk ongecompliceerd praten over voetbal met een glas bier op tafel. Heerlijk.

Jan Bart Alblas is theologiestudent en hoopt in het voorjaar zijn master gemeentepredikant aan de PThU af te ronden.

Woord & Dienst
Dit artikel verscheen eerder in het oktober nummer van het opiniërend magazine Woord&Dienst. Klik hier om het nummer te bestellen.

Het redactioneel commentaar in Trouw besteedde aandacht aan dit artikel. Op de website van Trouw verschenen tientallen reacties.

Eindelijk een nieuwe catechetiek – door W. Verboom

VerboomAls een van de auteurs reageer ik hierbij op de verschijning van de nieuwe catechetiek Altijd Leerling. Basisboek catechese. Na 25 jaar werd het ook wel tijd dat er een nieuw studieboek over de catechese verscheen. In 1986 schreef G.D.J. Dingemans zijn Mathetiek en nu is er dan dit nieuwe boek. Met zijn titel benadrukte Dingemans dat de leerling subject is van zijn leren, ook als het gaat om het geloofsleren in de kerk. Sindsdien is dit het uitgangspunt gebleven, al hebben we wel ontdekt dat het niet maar eenvoudigweg zo is dat het aan de keuzes van de leerling zelf kan worden overgelaten wat en hoe hij wil leren.

Wat Dingemans zelf al aanvoerde, namelijk dat de leerling de jongere van de gemeente is, brengt met zich mee dat het geloof van de gemeente het kloppende hart is van de catechese. In ons nieuwe boek gaat het dan ook vooral om een geïntegreerde visie op de lerende gemeente. De jongerencatechese is daarvan een wezenlijk en vitaal onderdeel. Maar de gelovige blijft leren, levenslang. Het is inherent aan het geloof zelf. De gelovige doet het ook niet alleen, maar samen met anderen. Dat leidt tot een nieuwe visie op intergeneratief leren, zoals deze in dit nieuwe boek wordt uitgewerkt.
Continue reading

Reactie op Het heilige gebeurt van prof. Dr. F.G. Immink door dr. Miranda Klaver

Rudolf Ottover de protestantse kerkdienst heb ik de laatste jaren veel verhalen gehoord. In mijn onderzoek naar de groei van evangelische kerken kwam ik een grote groep mensen tegen die afgehaakt zijn in de protestantse kerken. In de talloze interviews en gesprekken werd veel gesproken over ervaring en ontmoeting met God in evangelische kerken in tegenstelling tot de ervaring met de klassieke kerkdienst waar het heilige juist niet gebeurd. Ik heb daarom het boek van professor Immink met heel veel belangstelling gelezen. In mijn reactie wil ik drie stellingen naar voren brengen: (1) de kerkdienst als performance omvat meer dan taal (2) participatie tijdens de kerkdienst is niet vanzelfsprekend en (3) de kerkdienst staat niet langer centraal in het godsdienstig leven van gelovigen maar is een optie geworden.

In de eerste plaats wil ik ingaan op de betekenis van de kerkdienst als performance. Terecht beschrijft Immink de kerkdienst als een ‘gebeuren’, als ‘een liturgische handeling waarin de actieve en volledige deelname van de gemeente van belang is’ (p. 23). Het gaat over samen bidden, samen zingen, lezen, luisteren en brood en wijn delen met elkaar. Anders dan Wim Dekker’s pleidooi voor een rehabilitatie van de preek als antwoord op de crisis van het Nederlands protestantisme relativeert Immink deze eenzijdige nadruk op de heilsbemiddeling via het Woord. Tijdens de kerkdienst zijn er veel meer wegen waarlangs de mens in het bereik van de Geest komt: praktijken als zingen, bidden, avondmaal en doop horen daar bij. Met de nadruk op de kerkdienst als performance biedt Immink een belangrijke correctie op de protestantse concentratie op de preek als bemiddelingspraktijk. Het gaat om de vraag hoe de Geest werkzaam is in alle facetten van de kerkdienst. Een goede liturgie is daarom gebaat bij een divers aanbod van praktijken die elkaar versterken en ondersteunen.

Continue reading

Het heilige gebeurt niet meer – door dr. Marcel Barnard

TheoblogieGerrit Immink, rector van de Protestantse Theologische Universiteit, schreef een rijk boek dat zich laat karakteriseren als een moderne theologie van de gereformeerde kerkdienst. Kern is, dat de eredienst een menselijke performance is waar God op ingaat. Het heilige gebeurt, zoals de titel van het boek luidt.

Gaandeweg het lezen bekroop mij een gevoel van vervreemding. Van mijn vrienden gaat nagenoeg niemand meer naar de kerk. De mensen van wie ik het meeste houd in mijn leven verstaan van theologische taal geen woord meer. Zelfs niet als zij nog wel eens in een kerk komen. Om mij heen in de kerkbanken is het leeg geworden. De taal van de klassieke theologie is een geheimtaal geworden voor een steeds kleinere groep ingewijden.

Misschien is dat wel de allergrootste verandering in de laatste veertig jaar in onze kerkdiensten: dat de kerkbanken leger en leger zijn geworden. Voor velen gebeurt het heilige helemaal niet.

Continue reading

Heeft het protestantisme genoeg in huis? – door dr. Bert de Leede

eredienstLeesvruchten bij Gerrit Immink, Het heilige gebeurt.

De titel

De titel die Gerrit Immink voor zijn boek heeft gekozen vind ik een vondst. Wie deze titel proeft heeft het wezenlijke verstaan van wat Immink in zijn boek wil. De rest biedt veel goeds aan kennis, inzicht en begrip. Het is een gedocumenteerde theologische doordenking van wat een protestantse kerkdienst is. Waarom die geen Roomskatholieke kerkdienst is, en waar hem dat nu in zit. Dat het verschil dat een gereformeerd of oecumenisch protestant proeft wanneer hij een evangelisch getoonzette viering bijwoont, meer is dan een gevoel of een kwestie van smaak. Er staat meer op het spel. Daar helpt het boek van Immink over nadenken. Maar dit is waar het om gaat: het wezen van de kerkdienst is, dat het heilige gebeurt. Wat dat betekent, wil hij op het spoor komen. Daarom gaan we nog wat door op die titel.

Het heilige gebeurt. In de titel resoneert aan de ene kant Bijbels taaleigen. ”Het Woord des HEREN geschiedt” , luidt het nogal eens in het Oude Testament. God openbaart zich met kracht, scheppend, oordelend, bevrijdend. Van buiten af, van Boven, breekt iets in, Woord Gods, waardoor mensen, situaties, verhoudingen in beweging komen. Er gebeurt iets aan ons, dat wij ervaren als iets dat over ons komt.

Continue reading

HET HEILIGE EN DE PREEK – door prof.dr. Gerrit de Kruijf

kerkdienstImmink heeft met zijn boek Het heilige gebeurt een fenomenologie van de protestantse kerkdienst geschreven. Hij wil inzichtelijk maken wat er eigenlijk gebeurt in zo’n samenkomst (11). Hij voert geen wetenschappelijke discussie, waarin je theses van andere theologen aanvecht of ondersteunt. Hij is geconcentreerd op een activiteit waar iedere deelnemer, bijvoorbeeld vanwege zijn betrokkenheid als hoorder, evenveel ‘verstand’ van heeft, maar die hij vanuit een bepaald belang wil belichten. Dat perspectief is de verhoopte werking ervan. Je hoopt dat de ontmoeting tussen God en mensen plaatsvindt in die samenkomst. Daar doe je het voor. Immink noemt dat de performatieve werking van dat spel van taal, teken en stilte. Het heilige gebeurt. Je zou kunnen denken dat iedereen wel voelt dat het daarom gaat in een kerkdienst, maar Immink is daar niet zo zeker van. In het protestantisme zijn we zo druk met hermeneutische vragen, dat de rationele dimensie het gemakkelijk wint van de emotionele (41). Nogmaals, hij voert geen discussie, maar vraagt aandacht voor de dimensie van ‘het heilige’, die hij natuurlijk niet abstract bedoelt maar persoonlijk.

Continue reading

Coming Out Churches: de voorbereiding – door Tom Mikkers

Tom MikkersOngeveer 3 jaar geleden stond ik stil voor een stoplicht op weg naar het landelijk bureau van de Remonstranten in Utrecht waar ik werk. In mijn vrije tijd was ik betrokken bij een nieuw fonds ‘Het Blauwe Fonds’ dat projecten rond homo-emancipatie financieel wil ondersteunen. Hoewel het fonds zelf geen actitiveiten of projecten opzet, wilden we toch de start markeren met drie eigen projecten. Het was dankzij dat rode stoplicht (vraag me niet hoe) dat ik me realiseerde dat er geen overzicht bestaat van kerken waar homo’s kunnen trouwen. Dat zou er toch moeten komen. Ik belde direct een medebestuurslid om het kakelverse idee aan hem voor te leggen. En ook hij was enthousiast.

Continue reading