Veertigdagentijd

10e dag van de Veertigdagentijd

Hoop op God!

Bestaat God?
De vraag is actueel, tegenwoordig. Tot in tv-programma’s toe wordt erover gediscussieerd.
Bestaat God? En heb je er wat aan, als je dat gelooft?
Niet alleen vandaag klinken die vragen. Ook in de Psalmen hoor je ze.
Tranen zijn mijn brood, bij dag en bij nacht, want heel de dag hoor ik zeggen: ‘Waar is dan je God?’ (Psalm 42:4).
Jezus kende ze ook, die vragen. Ze werden hem in het gezicht geslingerd, toen hij aan het kruis werd genageld.
Hij heeft zijn vertrouwen in God gesteld, laat die hem nu dan redden, als hij hem tenminste goedgezind is (Matteus 27:43).
Een kroon van doornen hebben ze op zijn hoofd gedrukt. Maar zijn dat niet de doornen die plotseling aan die gestolen paradijsbloemen van ons gingen groeien? De zorgen, de ziekten… de zonden – doornen aan de gestolen bloemen uit het verloren paradijs… ze deden Hem het bloed langs de slapen sijpelen…
Zie, de mens!
Hij voor ons! In onze plaats!
Mens, waar ben je?
Ik had daar moeten staan, en u: Koning tot een spot getekend, met een riet en doornenkroon…
Maar Hij deed het… voor ons!
Hij liet zich onze doornen als een kroon op het hoofd drukken…
En toen ging Hij… naar het kruis…
Zie, de mens!
Ik denk aan een gedicht van Jenny Bolt:

Hij hing aan het kruis
ik naast Hem
Hij was vastgenageld
ik gebonden.

Ze zeiden tot Hem
‘kom er toch áf
god
verlos uzelf’
ze bespuwden Hem

toen keerde Hij
zijn hoofd naar mij
en zweeg

weer kwamen die stemmen
ze doorboorden zijn ziel
zoals de spijkers
zijn lichaam

Hij kwam niet van het kruis
maar zag mij aan en sprak
‘ga jij maar
jij’

ik antwoordde
het niet alleen
te kunnen

plotseling
werden mijn banden
onzichtbaar losgemaakt
ik was vrij
Hij hing er nog

ik stond voor het kruis
met de anderen
de touwen lagen naast mij
maar ik schreeuwde mee
‘ha koning
red uzelf
kom er toch áf!’
toen stierf Hij. *)

Hij voor ons!
Als God ons roept, straks op Goede Vrijdag, en als Hij ons voor het láátst zal roepen, aan het einde van ons leven: Mens, waar ben je? Wat heb je gedaan, wat heb je met mijn wereld en met mijn Zoon gedaan? –  dan zal daar Jezus’ stem klinken: Hier ben Ik, Vader, de enige echte Mens zoals U die hebt bedoeld…
En dan zal Hij ons het paradijs opendoen. En nog veel méér dan  het paradijs. Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde! En alle bloemen zullen bloeien, als nooit tevoren, en we zullen ze niet meer weggrissen om er ons eigen leven mee op te sieren, maar we zullen ze Hem aanbieden, die in onze plaats wou staan.
Wat ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij. Vestig je hoop op God, eens zal ik hem weer loven, mijn God die mij ziet en redt! (Psalm 42:6, 12)

*) Uit Bloeiwijzen – Buijten & Schipperheijn, 1974

 

Dien de Haan publiceerde Lees maar, er staat meer dan er staat, Wandelen met God en Woorden van vertrouwen.